De zegen van mijn moeder

karmahoroskop-karma.jpg

Toen ik nog veel kleiner was dan nu, viel iedereen voor mijn grote, blauwe ogen. Die vielen dan ook erg op doordat ze ik ze nog al eens strak op mensen gericht hield. Mijn kleuterjuf wist waarom. “Hij weet nu precies wie u bent en hoe u eruit ziet”, zei ze eens tegen een oliebollenverkoopster.

En ze had gelijk. Mijn behoefte om mensen te doorschouwen en te begrijpen was mateloos groot. Misschien ook verwonderde ik me over de mensen buiten ons huis. Mijn ouders voedden mij heel beschermd, ja afgeschermd haast, op. Er was “ons gezin” en de boze buitenwereld. Warmpjes maar niet sociaal.

En toen sloeg de bliksem in. Wie dit blog geregeld heeft gelezen, weet dat mijn moeder overleed toen ik veertien was. Dat deed eerst pijn, daarna volgden leed, eenzaamheid, wanhoop, onmacht en gelatenheid tot nog niet eens zo lang geleden Plotseling brak bij mij het ochtendlicht door en kon ik alles op een rijtje zetten.

Natuurlijk, de dood van mijn moeder was geen feest maar wel een zegen. Doordat zij er niet meer was, werd ik gestuurd in de richting van de wereld. De boze buitenwereld transformeerde tot mijn leefomgeving. Niet het warme thuisnest maar de bonte werkelijkheid met smalle paden, moeizame tochten, onzekerheid, verlies en overwinning werden mijn habitat.

Vanmorgen moest ik daaraan ineens denken. Het was toch frappant dat een kind dat zo afgeschermd is opgevoed uitgerekend een loopbaan kiest als journalist. Werk waarbij je voortdurend afhankelijk bent van contacten en relaties met die buitenwereld. Ja, de buitenwereld wordt je potgrond waaruit je je levenssappen haalt.

Het enige wat niet absurd aan het verhaal is, is mijn fundamentele belangstelling voor wat er omgaat in andermans hoofd. Die voorkeur had ik met die twee grote, blauwe kijkers al getoond. Bovendien ben ik vanaf het moment dat ik mijn handen niet meer nodig had bij het kruipen, aan het schrijven geslagen. Eerst wonderlijke tekens, later echte letters. Je zou bijna aan predestinatie gaan geloven.

Zo min als ik geloof dat wijn en brood letterlijk over kunnen gaan in het lichaam van Christus, zo min geloof ik in predestinatie. Maar ik twijfel geen moment aan het bestaan van levenslopen en verbanden. Levensverhalen in de vorm van dikke boekwerken van vele hoofdstukken in plaats van bundels onderling niet samenhangende korte verhalen. Het leven werkt wel degelijk ergens naartoe.

Daarom, haar overlijden was een zegen, een kans die ik met beide handen heb gegrepen. Een kans om uit het ei te breken en de wereld te leren kennen. Daar ben ik blij om. Niets is mooier dan een gebeurtenis die zoveel verdriet heeft veroorzaakt, een zin te kunnen geven. Is het toeval dat ik dit schrijf op de dag voor Moederdag of zou ze mijn dankbaarheid zien als een cadeautje?

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Wat is dat toch met vissen?

wansmaak4.gif

In het noord-oosten van Polen ligt het Bialystok natuurpark, prachtig, ruim en wild. De dieren hebben er een leven als een prins. Met het welzijn van dieren is er niets mis in Polen, zolang ze zich niet in de stad bevinden.

Hoe anders staat het met de mensen. Zij krijgen het in dat land van die eeneïge tweeling, haast siamees van verbondenheid, steeds benauwder. Homoseksuelen mogen nu en straks niet eens meer een openbare functie bekleden, laat staan dat ze mogen trouwen. De storm daarover is nog maar net voorbij of een minister kondigt een wet tegen minirokjes aan. Pure zedeloosheid, meent hij. In Nederland maken we ons ondertussen druk over een Koerdisch meisje dat door een massa psychoten is doodgeslagen omdat ze van haar geloof is gevallen. De dag is niet ver meer in de EU…

Over mensenwelzijn maken we ons het hele jaar druk maar gisteravond gloorde er even hoop voor de dieren in mijn gemeente. De wethouder van dierenwelzijn presenteerde zijn nota en jawel hoor…er waren tegenwerpingen. Zo is volgens de circusdirecties en sommige van onze raadsleden de verzameling wilde dieren het bedrijfskapitaal van het circus. Je zult maar een mooi gestreepte vacht hebben en de klos ben je. In plaats van rond te struinen in het regenwoud, ben je veroordeeld tot een leven in een kale kamer van hooguit drie bij vijf meter. Soms mag je eruit om dingen te doen die je wezensvreemd zijn en een ander strijkt daar de eer voor op.

Je vraagt je af wat mensen bezielt om te denken dat dieren ons `kapitaal` kunnen zijn. Alsof ze een soort door onszelf gefabriceerde fiets zijn of een computer. Er wil maar niet doordringen dat dieren er niet om gevraagd hebben met onze soort op één planeet te leven. Als je het aan ze zou vragen, zouden ze het vermoedelijk niet willen. Dieren kunnen nooit ons eigendom zijn ook al hebben we er de zorg voor. Weg dus met die circussen die tijgers, leeuwen of panters devalueren tot clowns en acrobaten.

Nog erger is het gesteld met de vissen. Hoe gek het ook klinkt, ze zijn zo goed als vogelvrij. Niemand, maar dan ook niemand wil zijn of  haar vingers branden aan een verbod op de hengelsport. Waarom eigenlijk niet? Het gerucht gaat dat vissen geen gevoel hebben en dat ze van die haak door hun bek niets voelen. De werkelijkheid is echter anders. Vissen die na de marteling aan het vishaakje worden teruggezet, gaan toch dood. Ze zijn namelijk getraumatiseerd en durven nooit meer te eten. Doodsbang dat er weer zo’n haak door hun bek zal gaan. Wie de hengelsport verdedigt, verdient een haak door z’n bek.

En bovendien zijn er precedenten. Het katknuppelen is afgeschaft ondanks wijdverbreid protest en dat geldt ook voor het palingtrekken. Bij de laatste “sport” werden palingen aan hun kieuwen boven een water bevestigd. Mensen voeren er dan onderdoor en trokken, ritsten, de paling van het touw. Een echt meer dan énig volksvermaak! In Amsterdam braken grootscheepse rellen uit toen de “sport” werd verboden. Ik zou die rellen op de koop toe nemen als het om hengelen ging. 

Wij zijn wel heel erg ver van de dieren af komen te staan. We dragen bontjassen niet voor de warmte maar om mooi te zijn. Dat heet pronken met andermans veren. We slaan andere levende wezens een haak door de bek en bezorgen ze daarmee een onuitwisbaar trauma. Natuurlijk, de `sportvissers` zullen het bij hoog en bij laag ontkennen maar ze kletsen onzin, zoals wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond. Nou, voor dat laatste zijn we toch altijd gevoelig? Dat moet het doen!

Maar de martelgang gaat door. Zonet hoor ik dat minister Verburg van Landbouw de plezierjacht, geen schip dus maar een moordpartij voor de lol, wil vrijgeven. Zo probeert zij de beschaving nog even tegen te houden. `Een algemeen jachtverbod is niet meer van deze tijd`, zegt zij. Leeft ze in een andere dimensie? Doet ze mee aan het tv-programma Autist Planet? Lustmoord met wettelijke goedkeuring. Dat allemaal onder het mom van natuurbeheer. Zo kunnen jagers ervoor zorgen dat er niet teveel exemplaren komen van bepaalde diersoorten. Nou, ik ken één soort waarvan er in mijn ogen veel teveel zijn,  zes miljard. Wie doet daar iets aan? 

Het probleem zit niet in de dieren maar in onze vervreemding van de natuur. We hebben geen weet meer van het respect dat dieren in lang vervlogen tijden nog kregen. De Noordamerikaanse Indianen vroegen in het verleden vergiffenis aan de goden als ze een bison hadden gedood voor de maaltijd. Dat is nog eens andere koek. Eten en gegeten worden is een basisprincipe van het leven. Maar geen enkel levend wezen is een gadget voor het totaal blasé geworden ras dat mensheid heet. De hengelsport is spel, marteling en discriminatie tegelijk. U begrijpt het al, ik hengel niet naar complimentjes.  

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.biteback.be

www.denachtvandewansmaak.nl

Pimp de gemeenteraad!

1915-o-93739.jpg

De titel die hier boven staat vind ik nog altijd wat raar. “Pimp” is het Amerikaanse woord voor “pooier” maar even zo goed moeten we de laatste paar jaar alles “oppimpen” (wat afkomstig is van pogingen om een stevige penis te krijgen). Misschien is het allemaal wel symbolisch voor deze tijd. We lopen het liefst onze pik achterna.

Ik wil de gemeenteraad wel eens zichzelf zien oppimpen. Dat kan gemakkelijk want gisteravond ontdekte ik bij een aantal raadsleden onverwachte capaciteiten. Zo was er één die heel expressief een korte act gaf tijdens een debatwedstrijd. Had ik het achter hem gezocht? Misschien een beetje, ik wist wel dat hij meer in zich had dan hij in de raad liet zien maar dat er echt artistieke kwaliteiten in hem zouden schuilen, daarvan was ik me niet bewust. Ik zal maar zeggen: “Brood, daar zit wat in.”

Eén van de andere raadsleden vroeg ik of het debat tijdens de wedstrijd beter verliep dan in de gemeenteraad. “Veel beter”, zei hij en hij keek veelbetekenend naar twee deelnemende  scholieres van een jaar of zeventien. “We hebben het net tegen hun opgenomen en dat was niet gemakkelijk.”

Waar zat hem nu het verschil in volgens deze ervaren politicus? “In de raad luisteren we niet naar elkaar”, zei hij. Een bekentenis die me niet vreemd voorkwam. Zijn collega bevestigde die opmerking en legde verder uit. “Nee, we horen nauwelijks wat de argumenten van de ander zijn. We zijn voortdurend bezig naar elkaar toe te schuiven en ons weer te verwijderen. Een op en neergaande beweging van toenadering en verwijdering.” Een soort coïtus communalis dus. (Voor de niet Latinisten:  “gezamenlijke neukpartij”). Op zich is er tegen en coïtus niets maar hij mag ook best vruchtbaar zijn.

Nu kende ik aan het begin van mijn loopbaan als politiek correspondent een raadslid dat zijn ijzeren jaren in de raad probeerde vol te maken. Hij was fractievoorzitter van GroenLinks en kwam uit de CPN-hoek. Om die reden werd hij in die tijd vooral door VVD-wethouders nog al eens voor Stalinist uitgemaakt. Op een goede dag besloot hij het bijltje erbij neer te gooien omdat zijn gehoor sterk achteruit ging. Bij nader inzien was dat niet nodig geweest aangezien raadsleden toch niet naar elkaar luisteren (zie boven).

Of dat ook echt tot het gewenste resultaat leidt, is vaak maar helemaal de vraag. Het niet-luisteren-naar-elkaar lijkt inderdaad en genetische voorwaarde voor het raadslidmaatschap te zijn. Dat brengt raadsleden ertoe om tot vervelens toe het eigen standpunt te herhalen, mogelijk omdat ze naar hun eigen woorden wel met veel bewondering luisteren. In dat geval lijden ze aan een verbaal narcisme van de bovenste plank.

Zoals gisteravond tijdens de wedstrijd bleek, is goed luisteren voor een mooi debat nog belangrijker dan het praten. Het is de kunst om het standpunt van de opponent over te nemen voor zover dat in je kraam te pas komt. Aan het eind geef je er dan een draai aan die je zelf leuk vindt. Die aanpak geeft de tegenstander namelijk minder mogelijkheden om je betoog aan te vallen.  In dat geval loopt hij of zij immers grote kans het eigen standpunt af te branden. Hoe dom dat is, dat is ook een raadslid duidelijk. Het is als met liegen: vertel voor het overgrote deel de waarheid zodat je maar heel weinig echt hoeft te onthouden.

Een en ander zou ertoe leiden dat debatten veel korter duren en dat zou hun aantrekkelijkheid vergroten. Misschien zou je aan het best luisterende raadslid een paar gouden oorbellen moeten toekennen want  de doorsnee burger zou meer lol aan een raadsvergadering beleven. Ik niet want ik word gedeeltelijk per uur betaald en hoop altijd dat ze de discussie ook nog na 23.00 uur voortzetten. Tot op heden stellen ze me in dat opzicht niet teleur. Pimp de gemeenteraad? Nou, van mij hoeft het niet hoor!

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.pimpgames.nl

www.respectonline.nl

www.debatrix.nl

Roes en smoes

736.jpg

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen. In mijn diensttijd bracht ik drie dagen kotsmisselijk in bed door vanwege een alcoholvergiftiging. Dat was het resultaat van dertig glazen vieux. Tegenwoordig moet ik er niet meer aan denken. Ik word al misselijk als ik aan vieux denk. Wat een bocht!

Maar ja, wat is drie dagen op anderhalf jaar zinloze arbeid? Wat dat betreft waren die drie dagen waarschijnlijk nog het meest zinvol van allemaal. Na de bewuste periode heb ik een jaar lang geen druppel alcohol meer anageraakt. Ik voelde me al ziek worden bij het zien van een cafë of bierreclame. Tegenwoordig heb ik ook daar geen last meer van. Ik lust graag een goede borrel maar ik ken ook mijn grenzen.

Nu zou ik er niet voor willen pleiten alle jongeren van Nederland aan een alcoholvergiftiging te helpen zodat zij daarna het spukl een tijdlang laten staan. Dat lijkt me de slechtste therapie van allemaal. Aan de andere kant ben ik wel voorstander van een drastisch terugdringen van het alcoholgebruik. Weg met de breezers, alle drank verhuizen naar de slijter en de minimumleeftijd van 18, ach ja tegenwoordig zijn ze dan meerderjarig dus vooruit…

Het zou ook goed zijn om in films en series het wat minder op een zuipen te zetten. Soms lijkt het erop dat het voor iedereen doodnormaal is omop elk uur van de dag het eens even lekker aan de fles te sabbelen. Een enkele keer een borrel of een zeldzame zuiplap in de film? Geen probleem! Maar iedereenaen altijd maar aan de drank? Dat geeft een raar wereldbeeld. 

Dat geldt ook voor het wereldbeeld dat de verantwoordelijkheid bij de ouders ligt. Echt bespottelijk! Ouders laten zichzelf de godganse dag van alcohol doordrenken en kijken wat belabbberd uit hun ogen naar het flesje dat hun kind vasthoudt. In de praktijk blijkt dat ouders die verantwoordelijkheid helemaal niet kunnen dragen. Zij maken hun kindertjes van zestie rustig wijs dat twee biertjes per dag in het weekend helemaal niet erg is. En dat is een smoes. Een afkoopsmoes waarmee ouders zichzelf proberen te bewaren voor een drinkverbod. Toch zou dat beter zijn.

Jonge hersens groeien nog volop en verkere daardoor in een uiterst kwetsbare toestand. Alcohol heeft daarop een heel schadelijke invloed. Als de hersens eenmaal zijn volgroeid, kunnen ze een aanval van borrels en biertjes beter verdragen. Ouders zijn daarvan niet op de hoogte of ze doen er heel luchtigjes over. Sommige kopen doodleuk een kratje bier voor hun tieners om lekker iets te drinken te hebben in het weekend. En daar zitten onze uitgegroeide peuters zich dan vol te laten lopen. Bizar!

Dat ieder mens bij tijd en wijle behoefte heeft aan een roes, is mij maar al te goed bekend. Daarom ben ik ook voor het vrijgeven van drugs. Alle drugs. Dat betekent niet dat ik iedereen maar laagvliegend over straat wil laten dweilen. Met drugs, en dus ook alcohol, moet je om kunnen gaan. Verantwoordelijkheid dragen voor jezelf en anderen hoort daar bij. Het zal niet meevallen om daaraan te werke nu blijkt dat ouders daartoe niet in staat zijn.

Het onderwijs kan daar wat aan doen, in elk geval voor komende generaties. In onze moet je alsmaar kiezen, wel of geen drank bijvoorbeeld. Verantwoordelijkheid aanleren hoort daarom tot de maatschappelijke kwaliteitn waaraan de school aandacht moet besteden. En ouders die hun kinderen vol gieten met alcohol, die wil ik laten oppakken voor verwaarlozing en mishandeling. Een roes kan mooi zijn maar graag zonder smoes.

Tot sterkte (50 %),

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Service

www.smoesracing.nl

Joost Eerdmans als trol

trol.jpg

Eén van de allerergste voorstanders van het recht op vrije meningsuiting is een blogger uit Alphen aan den Rijn onder de naam `Alphenaartje`. Althans, de taal die hij uitslaat, is alleen maar verklaarbaar als je een belediging te allen tijde aanvaardbaar vindt. Zelf kan hij niet zo goed tegen weerstand want hij heeft mij al geruime tijd van zijn blog verbannen. Bij elke reactie krijg ik de irritante mededeling `Je mag geen reactie achterlaten`.

Irritant maar ook om te lachen, te glimlachen wel te verstaan. Alphenaartje heeft mij tot trol verklaard en dat betekent dat hij niet tegen mijn plaagstootjes kon. Geen beledigingen maar plaagstootjes. Je ziet dat wel meer bij grote voorstanders van het recht op vrije meningsuiting. Naast Alphenaartje behoort ook kamerlid Joost Eerdmans ertoe.

Hij vindt dat er in Nederland een recht op beledigen moet komen. Iedereen moet naar hartelust mogen Godlasteren, Majsteitschennis plegen gelovigen kleineren. Joost denkt dat je alleen gelovige mensen op hun ziel kunt trappen. In een tijd waarin hij en zijn aanhangers alles doen om huiselijk geestelijk en lichamelijk geweld te bestrijden, schijnt hij op straat alles toe te willen staan Dus dat wordt in de voetbalstadions weer naar hartelust kankerhoer en tyfusjood roepen. Met dank aan onze volksvertegenwoordiger.

Hij heeft natuurlijk groot gelijk want voetbalsupporters en de rest van Nederland zijn volwassen genoeg om een feestje te vieren als hun voetbalclub een bekertje wint. Dan gooien ze de ruiten in en trappen ze de boel kort en klein bij de eerste de beste winkelier in de buurt. Net goed, denkt Joost.

O nee, toch niet! Hij vindt al jaren dat vandalen zwaar gestraft moeten worden maar begrijpt niet dat brute gedachten en grof taalgebruik uiteindelijk ontaarden in onbeschaafd en beestaardig gedrag. Daar ben je volksvertegenwoordiger voor met een forse portie verantwoordelijkheid voor de samenleving.

Natuurlijk kan deze drager van Pim’s gedachtengoed niet nalaten zijn eigen profeet nog even in herinnering te brengen en die vreselijke moord op Theo van Gogh. Jahaa, ze worden door Joost bijna op één lijn gesteld. Voor zover Pim bespottelijke opvattingen had over een dominante cultuur, klopt dat ook wel. Voor de rest was het geblèr van Theo en in zijn kielzog de krijgsvrouwe van Somalië niet om aan te horen.

Nee, ik ga niet zeggen dat ze hun lot over zichzelf hebben afgeroepen. Van een volksvertegenwoordiger verwacht ik echter wel een oproep tot verantwoordelijkheid, geen stimulans om elkaar op straat allemaal maar voor rotte vis uit te gaan schelden.

Ik zeg het nog één keer, hoewel niet de laatste keer vrees ik: Het recht op vrije meningsuiting is in het leven geroepen om burgers de kans te geven te zeggen wat zij willen zonder dat de staat ze daarvoor in het cachot gooit. Voor burgers onderling is er van zo’n recht helemaal geen sprake, ook niet volgens de grondwet. Voor de verhoudingen tussen burgers geldt respect als uitgangspunt en dat betekent dat je leert je te beheersen.

Zelfbeheersing lijkt mij niet alleen prettig voor een ander, je wordt er zelf ook een beter mens van. Ik denk dat je hele gedachtenpatroon er mooier en eerbiedwaardiger uit gaat zien als je niet om de haverklap naar schelden en vloeken afglijdt. Misschien is dat zelfs “beschaving” te noemen en dat is iets dat je toch wel van een volksvertegenwoordiger mag verwachten. Ja, Alphenaartje, als ik een trol ben dan weet ik mij in het goede gezelschap van Joost Eerdmans. Maar ja, de LPF kon er dan ook wat van…

Tot sterkte

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.users.pandora.be

Bomen kappen, goed gevoel

klikspaan.jpg

In de zomer van 1975 landden mijn vrouw en ik op het vliegveld van Moskou, een stad die toen nog het middelpunt vormde van het Sovjetrijk. Het opperste betonblok dat het land bestuurde heette op dat moment Leonid Breznjev, door en door corrupt maar een goed grootvader en vader. Dat zag je bij Adolf Hitler ook tot uiting komen in de liefde voor last minute bruid Eva, zijn secretaresses en zijn honden.

Op het vliegveld werden we welkom geheten door soldaten met machinepistolen en strakke gezichten. Zij hadden hun sjagrijn geleerd van Leonid en het leek erop dat zij al evenmin over lachspieren beschiklten als de opperste baas. Wij verborgen dus ook onze glimlach toen we formulieren moesten invullen waarop ons werd gevraagd of we pistolen, mitrailleurs, kanonnen of bommen importeerden. Je moet jezelf en je gevoel voor relativering nooit verraden in een dictatuur. 

Welkom heette ons ook een volblonde, jeugdige studente die zou optreden als onze gids maar aan wie nauwe contacten met ons niet waren toegestaan. Ik heb bij ons afscheid die ongeschreven wet doorbroken door haar een afscheidskus te geven, wat ik beter niet had kunnen doen. Ik verried iets van mijn gevoelens en bracht haar, onbedoeld, in opspraak en dat doe je niet in een dictatuur.

Tijdens ons verblijf in Nisjni Novgorod voegde zich een man bij ons die zich kwam beklagen over het Sovjetregiem. Meteen moest ik denken aan de provocateurs waarover mijn vader wel eens had gesproken. Mensen die in de Tweede Wereldoorlog anti- Hitlertaal uitsloegen om je uit de tent te lokken. Ik maakte mijn vrouw duidelijk dat we ons op de vlakte moesten houden om niet te worden opgepakt als weterse spion. Ik zal nooit weten of dat terecht was of dat ik een Russische dissident in de kou heb laten staan.

Die sfeer was vermoedelijk het meest verwerpelijke onderdeel van de Sovjetheerschappij, in Rusland maar ook in de aan haar onderhorige staten. Het diepgewortelde wantrouwen tegenover iedereen, mensen die je niet kende maar ook mensen die je wel kende. Je wist nooit of de buurman bezig was de gesprekken bij jou thuis af te luisteren. Privacy is in zo’n staat een onbekend verschijnsel omdat alles is gericht op de veiligheid van de staat.

Veiligheid woekert de laatste jaren ook als verschijnsel voort in alle geledingen van onze samenleving. Transparantie is nodig in bedrijven, inkomens en ook in de bebouwde omgeving. Vanwege de overzichtelijkheid kapt de overheid bomen in parken zodat je kunt zien wat zich in het groengebied afspeelt. Pedofielen, drugsgebruikers, brandstichters en zelfs de man die alleen maar heel nodig moet plassen, vallen allemaal meteen door de mand. Sociale controle heet dat. Vooral controle want wij zijn cotrolefreaks geworden. Al was het alleen maar vanwege de overlast van hondenpoep.

Dat heeft niet alleen te maken met ongebreidelde angst voor hondenpoep en  pedofielen maar ook voor terroristen waartegen tweehonderdduizend mafkezen tegen wil en dank in het geweer zijn geroepen. De waakzaamheid die elke onbeheerde plastic tas op straat beschouwt als mogelijk omhulsel van een explosief is ons aller deel geworden. Gelukkig weten we dankzij de transparantie van onze leefomgeving precies wie die zak  daar heeft neergelegd. Meestal iemand met een “Islamitisch uiterlijk of in elk geval met een baard,”. Dat werkt tegelijkertijd even zo goed ook beklemmend.

Dat bewustzijn van gevaren en terroristen maakt ons depressief en daarom besluiten we ook nog eens alle bomen en struiken in de tuin te vervangen door tegels. Daardoor wordt het in huis zo lekker licht en dat is een goede therapie tegen depressies. Bovendien kunnen we nu nog beter zien of de werkloze en uitkeringstrekkende buurman misschien klusjes opknapt bij de overbuurman. Duidelijker en scherper is te zien of de overbuurman op zolder een wiettelerij heeft. Dan is het zaak gauw anoniem politie en justittie in te lichten.

In mijn jeugdjaren heette dat “klikken” en daarvoor kon je op school zelfs straf krijgen. Dat had te maken met waarden en normen en in militaire dienst werd “klikken” ok wel “matennaaierij” genoemd. Op schoool werd de klikspaan als een ernstiger crimineel beschouwd dan degeen die zat te spieken. En terecht want klikkerij wekt een algemeen wantrouwen op en dat wantrouwen leidt tot nog meer bomenkapperij om nog meer zicht op de omgeving te krijgen en ons “gevoel van veiligheid” te versterken. Daarbij vergeten we inmiddels dat de buren ons door al die kaalslag ook weer beter kunnen zien. 

Daarop hebben we de volgende geruststellende uitspraak bedacht: “Ik heb niets te verbergen.” Tja, en als je niets te verbergen hebt, kun je jezelf niet verraden. Ik kan daarbij eigenlijk alleen maar glimlachen want dat is iets, net als fluiten, dat mensen doen die iets te verbergen hebben. Dat mag iedereen weten. Hoe transparant. Morgen is het 7 mei, de dag waarop Nazi-Duitsland capituleerde. Op 8 mei vanaf 00.01 uur werden alle vijandelijkheden gestaakt en was het afgelopen met de beestachtigheden van de spionnen en verklikkers van de Sicherheitsdienst (SD).  Maar dat is niet waar hoor, we gaan gewoon door.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http:.//politiek.wordpress.com

 

Service

www.stasi.nl

Eigen verantwoordelijkheid

fatman.jpg.  

Het gaat beter in Irak. Dat zegt ons internationale niemendalletje, George. Hij heeft het al zo vaak gezegd dat hij er zelf in is gaan geloven. Volgens een berichtje dat ik gisteren las, had Charles de Gaulle daar een treffende uitspraak over. “Aangezien een politicus nooit gelooft wat hij zelf zegt, is hij elke keer weer verbaasd als anderen hem geloven.”

Was dat de reden waarom hij altijd, voor een Fransman, zo langzaam sprak? Als je er maar indringend genoeg bij kijkt, dan schijnt langzaam spreken indruk te maken. Daarom doet Chirac het ook en George B. heeft de truc ook door. Een nadeel voor hem is dat hij altijd even aan zijn hoofd moet schudden als hij woorden als “democratie” gaat uitspreken. Let maar eens op, het komt er nooit vlot en zonder haperen uit.

Dat hij liegt dat hij ter plekke sterft, is ons allemaal natuurlijk al lang duidelijk. Gisteren slaagden boeven er in om in vier aanslagen in Bagdad maar liefst 200 mensen dood te maken. Een groot deel daarvan was de rommel aan het opruimen van de vorige aanslag. Dat geeft de burger moed! De helft van de regering is afgetreden en er is een bom ontploft in het parlement. Allemaal tekenen dat de ontwikkelingen in dat land een positieve wending hebben genomen.

Eigen verantwoordelijkheid. Daar hoort ook bij dat je eerlijk bent tegenover je zelf. Gisteravond had ik een gesprek met een zendeling en een atheïst. Wonderlijk genoeg bleken zij elkaar op tal van terreinen te ontmoeten. Beiden meenden dat een hoge innerlijke moraliteit de basis behoorde te zijn van eigen verantwoordelijkheid. Jongeren moeten zo worden opgevoed dat ze vanuit zichzelf in staat zijn de breezers bij Appie te laten staan. Eerlijkheid tegenover zichzelf in de vorm van `ik kan het niet aan`, `ik heb besloten weinig te drinken`, `ik mag geen smoes verzinnen voor een borrel` steunt die eigen verantwoordelijkheid.

Sommige ouders kunnen hun kinderen niet zover brengen en dan heeft de overheid een taak om de dragers van de toekomst op te voeden. Ook daarover waren beiden het eens, zij het als laatste redmiddel. Zelfs de invoering van speciale tehuizen voor (her)opvoeding schuwden zij niet. Eerlijk gezegd, ik ben er ook wel voor als het anders niet kan.

Eigen verantwoordelijkheid en eerlijkheid tegenover jezelf, dat maakt het mogelijk om eerlijk te zijn tegenover anderen. Eerlijk zijn tegenover anderen maakt de bestuurder of politicus geloofwaardig. Daarbij gaat het niet om `overkomen` maar om `zijn`.  De eigen verantwoordelijkheid van de bestuurder brengt hem of haar ertoe periodiek de eigen beslissingen te toetsen aan eigen beginselen.  

 Het mooie van het gesprek gisteravond vond ik de eenstemmigheid die beide gesprekspartners aan de dag legden. Daarvoor zijn moed en eerlijkheid nodig. Die eigenschappen lijken mij onmiskenbaar kenmerken van de hoge morele normen die eigen verantwoordelijkheid dragen. Lang niet iedereen lijkt daartin jaOnze eigen verantwoordelijkheid is het, dunkt mij, ook om regeringsleiders te kiezen die over dergelijke eigenschappen beschikken. Ik vraag me af of vasthoudendheid, zoals pitbull George haar kent, daar ook bij hoort.

Vasthoudendheid is een goede eigenschap om doelstellingen te verwezenlijken maar dat lukt, denk ik, alleen als ze niet in rechtlijnigheid verkeert. Beweren dat het beter gaat in Irak terwijl de bommen je om de oren vliegen, is daar een voorbeeld van. Het doet denken aan die minister van voorlichting van het Saddamitische bewind. Terwijl Amerikaanse tanks voorbijtrokken, vroeg hij de verzamelde pers waar de geallieerden waren. Lachuh! 

Wie dan ook roept dat politici niet anders doen dan liegen, bedriegen en zakken vullen, gaat voorbij aan zijn of haar eigen verantwoordelijkheid. Daarmee zit het lang niet altijd goed. Hoeveel mensen slagen er bijvoorbeeld in hun dieet vol te houden om af te slanken? Ik vrees dat de aloude spreuk nog steeds waar is`Een volk krijgt de regering die het verdient.´

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Service

www.astrologie-online.nl

www.cut-up.nl

www.tegenwicht.org

Geloof en politiek gaan hand in hand

img_0268x.jpg

Het verschil tussen Marianne Thieme en een dier is dat de laatste er door zijn of haar onschuld aandoenlijk en aaibaar uitziet. De eerste is aandoenlijk omdat ze er uit ziet als een lekker dier. Ja zeker, ik vind haar een stuk en ik zou best eens een saucijzenbroodje met haar willen eten. Nu is zij lid van de Zevendedagsadventisten en ik vrees alleen daarom al dat het niet zover komt. Mensen uit die hoek zijn vaak vreselijk gewetensvol en principieel. Dat mag wel maar het vormt ook een barrière.

Zou Maarten het Hart het ook zo zien? Wat mij betreft mag hij best zijn mond houden over de religieuze roerselen van Marianne. Hij zou eens wat beter moeten kijken naar zijn eigen zieleroerselen. Ik kan me nog herinneren dat ik hem een tijd lang moest aanspreken als Maartje het Hart. Dat heeft met de Zevende dag niets te maken maar het is nou ook niet bepaald alledaags. Ik vraag me af wat dat soort gedachtenspinsels voor invloed heeft op de zorg voor het welzijn van dieren.

In elk geval vind ik dat Marianne er eerder uitziet om op te eten dan Maarten. Niet dat ik het zal doen. De dieren die er voor mij uitzien om op te eten, consumeer ik meestal ook niet. Het vlees op mijn bord is goeddeels afkomstig van dieren waarvan ik nooit heb gezien hoe ze eruit zagen. Wat is het leven toch ingewikkeld!

Dat moet Wouter Bos ook gedacht hebben toen hij zijn grote artikel in de Volkskrant liet plaatsen naast de kolom van Marianne. Hoe moet het nu toch verder met die partij die maar niet ophoudt zich inwendig te roeren? Stromingen, vleugels, invalshoeken, negativiteit, het kruist elkaar allemaal. Wouter en Mariannne begrijpen elkaar heel goed, dezer dagen. Mogelijk prikken ze samen een augurkje. “Zeg, Marianne, hoe doe jij dat nou met Maartje?”

Wouter heeft uit alle kritiek goed opgepikt dat het “eenvoudige volk”, het “proletariaat” in de PvdA te weinig zichtbaar is. Het wordt overschaduwd door de doctorandussen van de vrijzinnig democratische stroming. Doctorandussen die in het bedrijfsleven vaak lijnrecht staan tegenover de “Jannen met petten en Truzen zonder hoeden” als het gaat om een paar procent loonsverhoging.

Wouter kaart ook de discussie met de SP aan. “We moeten er niet bang voor zijn”, zegt hij moedig. Dat haalt je de koekoek. Wie bang is, gaat altijd het moeras in. Dat geldt zeker in de politiek. Wouter heeft gelijk als hij zegt dat de PvdA en de SP elkaar hard nodig hebben. Niet alleen om de eigen ideologie scherper te stellen. Het gaat dieper.

In deze tijd van globalisering en Europese Unie, de tijd van internationaal verscheuren van de ABN/Amro, houdt de eenvoudige burger zich stevig vast aan zijn of haar directe omgeving, zijn woonplaats of hooguit de regio. Daar liggen zijn of haar belangen. Marianne zou zeggen “de koe moet weer in de wei”. Tegelijkertijd is de globalisering weliswaar een bron van onzinnigheid, te stuiten is ze niet. Het nationalisme van de SP richt zich daarop onder het motto: “Denk lokaal en handel lokaal”. Daar kunnen Jannen met Petten en Truzen zonder Hoeden zich behagelijk in nestelen. Nestwarmte die voortkomt uit het Maoïstisch verleden van de SP. Ook Mao vond dat de lokale gemeenschap zichzelf moest ontwikkelen, binnen de kaders van zijn denkraam natuurlijk. Het nationalisme is ook de band tussen SP en VVD.

De PvdA wil een brede volksbeweging zijn met een open venster op de wereld. Wees dat dan ook. Probeer niet de SP na te bootsen maar wees Europees, dat wil zeggen: “Denk Europees en handel lokaal”. Lokaal, ja zeker, zonder die nestwarmte verliest elke partij de massa van haar achterban. Ik gok erop dat 80 procent van de inwoners van mijn stad geen boodschap heeft aan de “globe” maar wel aan de rivier die door het stadshart stroomt.

Tot op heden zijn Nederlandse politieke partijen er nooit in geslaagd om het belang van de Europese Unie voor die rivier concreet te maken. Zuiver water, arbeidsplaatsen, bereikbaarheid, woongenot, het is nooit aan de Unie gekoppeld. Die koppeling zal de PvdA nu wel moeten gaan maken. Sámen met de SP en ook in discussie met die partij zal ze het sociale element in de samenleving mooier kunnen kleuren dan dat één van beide dat alleen kan. 

En eerlijk gezegd, Wouter Bos mag van gereformeerden huize zijn, ik ken in de PvdA ook katholieken, hervormden, Joden, moslims, hindoes, boeddhisten en helaas ook atheïsten (dat zijn mensen die zichzelf wijs maken dat ze nergens in geloven). Nog nooit heb ik gemerkt dat de geloofsovertuiging van de lijsttrekker van doorslaggevende invloed was op de behartiging van de belangen van mens, dier of milieu. De discussie staat daar garant voor. Dat moet Marianne een troost zijn en voor Wouter een handvat. Geloof en politiek gaan hand in hand terwijl kerk en staat gescheiden blijven.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.morpurgo.nl

www.infotalia.be

www.uwv.nl

Schaakbord

hogeresfeer.jpg

Een jaar of twaalf moet ik zijn geweest toen ik voor het eerst Indische rijsttafel te eten kreeg. Ik kende het begrip sambal nog niet en dat had vreselijke gevolgen, vooral omdat ik in het restaurant naast de verwarming zat. 

Is dat nou zo gek? Er zijn tal van kinderen van mijn generatie die nog veel later pas voor het eerst aan de rijsttafel gingen. Ja, maar mijn moeder is geboren in Soerabaja (tegenwoordig moet je erbij vertellen dat die stad op het eiland Java in Indonesiè ligt) en er kwam bij ons nooit nasi op tafel. Dat was wel bijzonder want andere ex-Indiëgangers eten vrijwel nooit iets anders. Tja, mijn vader hield niet van “hete” gerechten en dus… .

Erwtensoep, daarvan hield hij wel maar dat was ook geen wonder want hij was er op Curacao mee getraind. Op zaterdagmiddag en bij kokende hitte kwam er steevast erwtensoep op tafel. Dat typisch Nederlandse gerecht wilden de Nederlanders op de Antillen niet missen.

Nederlanders bleven waar ook ter wereld Nederlanders. Wie de correspondentie van mijn grootouders uit Indië doorleest, vindt daarin vrijwel nooit iets boeiends over de Indische cultuur. Het gaat wel over truttigheden als het Nederlandse notenhouten tafeltje dat zo énig stond in de hoek van de woonkamer. Er werd ook gesproken over de bijeenkomsten waar familie en vrienden oude Griekse drama’s opvoerde tussen de suitedeuren. Zo hoefde er niets gemist te worden van de Europese cultuur. De enige band met Indië  die mijn grootvader vormgaf was de Aziatische wapenverzameling, het Chinese porselein en het Indisch koper. We hadden zelfs een Samoeraiharnas. Een soort buit uit de wingewesten.

Wie nu vlak over de Nederlandse grens met Duitsland gaat kijken, vindt in sommige Duitse steden kolonies Nederlanders die op een kluitje bij elkaar wonen. Zij hebben geen contact met de Duitsers, doen hun boodschappen in Enschede en sturen hun kinderen in Twente en de Achterhoek naar school. Integratie in de Europese Unie! Je hoeft niet lang na te denken ocver de vraag wat de Duisters in die steden daarvan vinden.

Dat is niets nieuws want ook in Canada en Australië zoeken Nederlanders elkaar graag op en onderhouden zij soms hun Nederlandstalige omroep en krant. Ondertussen nemen Nederlanders het moslims uit Marokko, Turkije en andere landen kwalijk dat zij altijd op een kluitje bij elkaar kruipen. Klaarblijkelijk vormen mensen altijd en overal “ghetto’s”, een schaakbord van wijken en buurten.

Inmiddels vragen we ons in Nederland af of het maar niet het beste is om de hele boel door elkaar te gooien. Turken, Surinamers, Marokkanen, Nigerianen, Somaliërs en geboren Nederlanders moeten allemaal in één wijk door elkaar wonen. Dat is goed voor de integratie. Het gekke is dat niemand zich afvraagt of dat cliché wel klopt. Daarbij wordt het woord “ghetto” te onpas gebruikt om te herinneren aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. Dat is behoorlijk misleidend.

Ik ga nu een gevaarlijke vergelijking maken. Als een kind wordt geboren, moet het integreren in de wereld. Het kan niets, weet van niets en snapt weinig. Het is zijn of haar eigen vertrouwde omgeving, kleinschalig en overzichtelijk, die het uitzicht op de wereld biedt. Van daaruit gaat het kind de wereld exploreren, in de wetenschap dat het thuisfront achter hem of haar staat. Ik maak me sterk dat het netzo werkt als mensen integreren in een voor hen nieuwe cultuur. Eerst komt de zekerheid, pas daarna de wens om kennis te nemen van de ander.

Ik heb geen zekerheden te bieden maar de principiële inrichting van gemengde wijken lijkt mij niet goed. De oude bewoners krijgen het gevoel dat hun gezellige wijk wordt verstoord. De nieuwe bewoners voelen zich er niet thuis, zelfs vijandig tegemoetgetreden. Dat wordt een broeinest van conflicten, radicalisering en rechts-extremisme. Niet alleen kinderen maar ook volwassenen hebben volgens mij in de eerste plaats behoefte aan geborgenheid. Tja, het blijft een schaakbord van mogelijkheden maar voor mij is het te eenvoudig gedacht dat zwart en wit door elkaar gewoon grijs gaan vormen.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Service

www.thesauruszorgenwelzijn.nl

http://www.groene.nl

De zin van de onzinnigheid

kind_groeit_vaker_o_155029d.jpg

Ja, de zin van de onzinnigheid en dat al in de eerste zin. Hoe verzint iemand zoiets? En toch…de lezers van mijn drie vorige columns hebben zich kunnen verkneukelen  in de onzinnigheid. Dat lijkt zo op het eerste gezicht de betekenis van onzinnigheid: lachen.

Nou, dat is nog maar de vraag. Vanmorgen las ik met grote blijdschap in de meest volkse krant van Nederland dat René Cuperus het met mij eens is. Dat is belangrijk want wie ben ik nou helemaal? René Cuperus is medewerker van het wetenschappelijk instituut van de PvdA, de Wiardi Beckmanstichting. Cuperus is dus iemand en hij zegt dat er een te grote kloof is tussen het kader van de partij en de “gewone” achterban.

Je zou ook kunnen zeggen: de doctorandussen en de Jannen met de Pet. Je kunt je afvragen waarom hij dat nu pas zegt maar misschien is het een jong vogelken. Zonder mezelf op de roodborst te willen kloppen, kan ik zeggen dat ik die kloof twaalf jaar geleden al zag. Niet alleen bij de PvdA maar ook bij andere partijen.

Het konijn uit de hoed was “Jip en Janneketaal”. Ineens moesten politici zich gaan uitdrukken in een soort Nederlands die ook begrijpelijk is voor negenjarigen (volgens psychologen een bijzonder lastige leeftijd). Ik heb daar nooit iets van geloofd want de inhoud van de boodschap verandert daardoor niet en dat is nu juist wel de bedoeling. Bovendien leidt ze tot belachelijke uitglijders zoals die van Rita Verdonk “Ik ben niet links, ik ben niet rechts, ik ben recht door zee.” Over onzinnigheid gesproken!

Wie in Jip en Janneketaal uitlegt dat de omgewoelde binnenstad goed is voor ontwikkelingen in de toekomst en natuurlijk de economie en dus de werkgelegenheid, maakt nog steeds niet duidelijk waarom al dat “gewone volk” jarenlang in de rotzooi moet leven. Zonder werk, trouwens. Tegen de tijd dat “de toekomst” is begonnen, gaan ze in de AOW!

De inwoners hebben niet anders dan hun buurt en wijk. Daar is het nu al sinds jaren een zooitje vanwege die belangrijke toekomst met z’n werkgelegenheid en vooraan lopen in economisch opzicht. Moet hun levensgeluk worden opgeofferd aan een stralende toekomst van kenmniseconomie en beursgang waarin medewerkers worden ontslagen terwijl de bedrijven vette winsten maken? Is dat geloofwaardig? De PvdA weet niet hoe ze met dat probleem om moet gaan en de buurt radicaliseert.

 Dat is gek want de afgevaardigden van deze partij hebben de taak ook het “gewone” volk te vertegenwoordigen. Zij lezen nu wel vaak Jip en Janneke en proberen zich die taal aan te leren maar ze praten nog steeds over zaken die het “gewone” volk niet interesseert. Daar leeft vooral één grote vraag: “Waar is mijn sociale nest?” Het “gewone volk” heeft het gevoel te worden opgeofferd aan een toekomst die mijlenver over de horizon ligt. Dan kun je tienduizend keer zeggen dat het niet zo is, het geloof leeft voort en de kloof gaapt verder.

Boven die kloof heeft Geert Wilders een hangbrug gespannen, gammel maar begaanbaar. Jan Marijnissen heeft een iets soliedere houten brug getimmerd. En zie: het volk kwam in groten getale, hoorde deze profeten aan en zij knikten dat het waar was en zij zagen hun wensen op ongelofelijke wijze vermenigvuldigd en vervuld. Althans, zo lijkt het.

Voor Cuperus, Van Hulten, Bos en Tichelaar en al hun volgelingen (en voor veel andere politiek partijen, de VVD voorop)  kan dat in de praktijk niet moeilijker zijn. Meer gerichtheid op het heden en minder op de toekomst. Vanwaar toch die eeuwigdurende leus ‘we moeten klaar zijn voor de toekomst”? Me dunkt, er zijn redenen genoeg om klaar te zijn voor het heden maar daaraan ontbreekt het in ruime mate.

 Minder collectieve luchtkastelen in de vorm van Betuwelijnen en HSL’s  en meer stoeptegels en hondenpoep, dubbele nationaliteiten, leegstaande woonwijken, verstoorde buurten,  hoofddoeken en…

Daar zit de zin van de onzinnigheid. De onzinnigheid die op diverse weblogs over het volk wordt uitgestrooid is een rijke bron van informatie voor iedereen die dit land wil besturen. Daar komen de ergernissen en onderwerpen aan de orde die ons volkje bezighouden. In rechtsradicale, racistische en ook gewoon “volkse” publicaties. Daar gaat het over de vraag of de opzet van gemengde woonwijken bijvoorbeeld wel gaat leiden tot het gewenste resultaat. Daar blijkt dat zo’n mix soms eerder tot conflicten leidt dan tot integratie. Daar komen de problemen van Jan met de Pet over zijn werk, gezinsverbanden, woonbuurt en voeding aan bod.

Het heeft geen pas om die signalen, hoe radicaal ook, terzijde te schuiven. Zij zijn een teken aan de wand dat wordt afgegeven door een volk dat zich onbegrepen en vergeten voelt. Politici moeten er rekening mee houden en oplossingen zoeken zonder radicaal te zijn. René Cuperus en de anderen zouden er dan ook eens vaker daar moeten kijken.

Weg met de academische modellen en terug naar de solidariteit met hen die in het gedrang komen in de alledagelijksheid van hun bestaan. De onzinnigheid kan daarbij als gids dienen zonder haar over te nemen. Solidariteit met mensen in achterstandswijken heeft gevoel nodig, idealen die herkenbaar zijn. Wie verstandige dingen zegt, mag het gevoel niet vergeten.

En tot slot. Ik las kortgeleden dat de PvdA mikt op meer deskundigheid en verjonging. Het laatste beschouw ik als een redelijk loos begrip, zoals ik al eerder aangaf. Het eerste is vaag. Welke deskundigheid? Deskundighieid van de tekentafel of van de zieleroerselen van Jan met de Pet? Als het aan mij ligt, is die laatste deskundigheid voorlopig het eerste aan de beurt.  

Dat kan vorm krijgen door de fractie een betere afspiegeling van de samenleving te laten zijn. Weliswaar is ze in toenemende mate meer cultureel samengesteld en zitten er vrouwen in maar hoe zit het met het percentage Jan met de Petten? Juist in een grote fractie kan hun invloed de juiste sterkte krijgen. Oftewel: de teksten zijn begrepen, het commentaar is relevant. 

En als uitsmijter: dit is geen pleidooi voor pragmatisme of rechtsradicalisme. Beide beschouw ik grotendeels als onzinnigheid. Het is een pleidooi voor solidariteit van politici met mensen die daar de meeste behoefte aan hebben.

En als allerlaatste uitsmijter: doen ze dan helemaal iets goed bij de PvdA? O zeker wel, het idee van wijkgericht werken is uitstekend, Het sluit naadloos aan op het bovenstaande maar … de uitwerking moet gericht zijn op het nu, niet op de lange termijn.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Service

www.nu.nl

www.fos.socsol.be