Rechts, links en Beerenburg

image006.jpg

“Wie niet kan laveren, moet niet in de politiek gaan”, Kommer Sybenga, de oude en wijze politicus, zakt onderuit in zijn relaxfauteuil met hocker en sabbelt aan zijn Friesche pijp. Hij weet waar hij over praat want in zijn vrijetijd, tegenwoordig bijna altijd, is Kommer een verwoed zeiler. Hij heeft kanalen, rivieren, meren en zeeën en zelfs de oceaan bezeild en elke keer weer kwam hij met man en muis gezond thuis.

Het valt mij op hoe de relaxfauteuil vloekt bij de rest van het interieur. De beige-bruin gestuukte muren, de witte schouw met eikenhouten lijst, de zware, bruine Friese stoeltjesklok en dan is er ineens de diarreekleurige relaxfauteuil. Kommer moet de verwondering in mijn ogen hebben opgemerkt. “Ik kon hem in geen andere kleur krijgen”, zucht hij. “Hoewel het ding me een godsvermogen heeft gekost. Alles is elektrisch, weet je. Er zit zelfs een automatisch massagebedrijf in zitting en rugleuning. Toch  ben ik wel eens bang dat als ik in deze stoel een hartaanval krijg, dat het ding me automatisch voorover eruit zal kieperen. Hij zit lekker maar hij houdt niet van me. Soit.”

Inderdaad, daarover zouden we het niet hebben. Ik ben deze keer met mijn blocnote bij de éminence grise van de Nederlandse politiek binnengevallen om over links en rechts te spreken. “Laveren`, herhaal ik. `Als een stuurman naast God?` Kommer barst in een onbedaarlijke maar door het pijproken aangevreten lach uit. `Kijk, dat is nu rechts`, zegt hij eindelijk. `Alles altijd koppelen aan wat het meest voor de hand ligt.`

`Laveren is een activiteit waarbij je links en rechts nodig hebt`, gaat hij verder. `Vooral bij tegenwind kom je er het beste mee vooruit al moet je goed opletten hoe ver je van de middenlijn afblijft. En`, laat hij daar nadrukkelijk op volgen. `Die middenlijn heeft niets te maken met een zogenaamd politiek midden. De middenlijn is de rode draad die jou als politicus (het woord `politica`ligt Kommer wat minder gemakkelijk in de mond, wat ik dan weer als rechts beschouw) op het juiste spoor houdt. De middenlijn bepaalt wat acceptabel is en wat niet en hoever je het evenwicht mag verstoren. Van jezelf.` Hij lurkt borrelend aan zijn pijp en stampt de tabak nog eens aan.

`Zin in een glaasje Beerenburg?` Ik ben geen liefhebber van het spul maar als Kommer je zoiets aanbiedt, kun je het niet weigeren. Je zou de man tot in het diepste van zijn Friese ziel treffen. Hij schenkt het roodbruine vocht haast liefdevol in en drukt de kurk met een absolutistisch gebaar op het kruikje. `Die moet goed  dicht zijn, anders gaat het aroma verloren`, lacht hij terwijl hij de pijp van zijn linker naar zijn rechter mondhoek beweegt. 

`Links is `zorg` voor de mensen en zien dat niemand verloren gaat of buiten blijft staan. `Rechts is handhaven van goede, oude gebruiken en gewoonten. `Links` is openstaan voor nieuwe mogelijkheden omdat je denkt dat de wereld er beter van zal worden. `Rechts` is het afkeuren van nieuwigheid omdat je bang bent dat de wereld verloedert. `Links` is welzijn, `rechts` is welvaart. `Links` is `letten op de behoeften van de individu zodat iedereen tot zijn recht komt. `Rechts` is initiatief nemen om er beter van te worden en te zorgen dat je gezin het goed heeft. `Links` is buiten op straat, `rechts` is lekker thuis bij de open haard`.

Kommer kijkt nu even zwijgend en nadenkend voor zich uit terwijl hij ziet dat zijn pijp uitgaat maar hij steekt hem niet opnieuw aan. “Links` en `rechts` hebben elkaar nodig. Het zijn twee paarden die de wagen van je leven vooruittrekken. `Midden` is niks. `Midden loopt in het tweespan niets, er bestaat evenwicht maar er gaat geen kracht van uit`, gaat hij verder. `Midden` is onverschilligheid omdat door de onbewegelijkheid niets er meer toe doet. Stuurmanskunst drijft je van links naar rechts en weer terug, steeds door het midden maar daar verblijf je maar heel kort. Bijna steeds ben je aan één van beide zijden van `midden`. Praat me dus niet van het politieke midden. Dat is dood en het absolute niets.` Nijdig stanpt hij nog een keer zijn uitgebrande pijp aan. `Praat me niet van het midden`, zegt hij nog een keer. Dan kijkt hij of hij zich bedenkt. `Alleen…het werkelijke politieke midden ligt in je zelf. Zoek het op en houd het vast, gewoon om overeind te blijven.`

Hij leunt nu achterover in zijn stoel en laat de rugleuning wat verder naar achteren zakken. `Nog een Beerenburg?` en ik stem opnieuw in. `Weet je, als een vrouw haar armen om je nek slaat dan raken haar handen elkaar achter je. De linker en de rechter hand en hoe steviger ze elkaar vastpakken, des te beter voel jij je.` Hij heeft zijn pijp opnieuw aangestoken en blaast een eerste onbeholpen wolkje uit. Daarmee geeft hij mij de tijd om over zijn woorden na te denken. Niet veel trouwens want ik moet het allemaal nog opschrijven ook. `Links en rechts, het is allemaal niet principieel, het is niet meer dan een verschil in graden ooster- en westerlengte. Wie vergeet op tijd over stag te gaan, valt van de aardbol af. Die heeft ons niets meer te zeggen. En daarbij wilde ik het graag laten, jongeman.`

Die laatste woorden van Kommer zijn kenmerkend voor hem. Ik ben 61.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://politiek.wordpress.com

 

Service

www.fertiliteit.info

www.tamaraengert.wordpress.com

www.red-star.nl

www.digischool.nl

www.intensievemenshouderij.nl

marbel.info

www.denieuwereporter.nl

`

Advertenties

De DDR en Arend Jan Boekesteijn

image0021.jpg

Het WC-papier in de DDR was zó hard dat met behulp daarvan zelfs “der letzte Arsch  rot wird’. Dat was humor in de communistische heilstaat van Erich Honnecker wiens portret nu voor 5 euro te koop is in het nieuwe DDR-Hostel in Berlijn. Alles doet er herinneren aan de DDR: grauwe eentonige buitenkant, krakkemikkig en slecht fumctionerend interieur, het WC-papier en noem maar op. Het enige wat niet gelijk is gebleven, is de service. De gast wordt er niet meer als een ongewenste hond behandeld zoals destijds gebruikelijk was. DDR-Hostels waren een schoolvoorbeeld van ongastvrijheid. En nog iets: de slaapkamers zijn niet meer voorzien van afluistermicrofoons, iets wat ik persoonlijk wel betreur.

De opening van het Hostel is een commerciële grap. Er is een bepaald publiek dat graag eens wil meemaken hoe het was om het als gast te doen met de opzettelijke en schandelijke armoe in de heilshoreca. De hoteleigenaar denkt er goed aan te kunnen verdienen, mede dankzij de souvenirs uit de DDR-tijd. Het mooie ervan is dat het gaat om een persiflage van iets dat inmiddels geen dagelijkse werkelijkheid meer is.

Ja, het is een bekende uitspraak “later lach je erom”. Ik vraag me af of dat ook het geval zal zijn met Arend Jan Boekesteijn. Deze zoetgevooisde agressieveling heeft volkomen ten onrechte een plaats verworven in de VVD-fractie. Dat zou nog niet zo erg zijn als hij zijn mond hield maar dat is beslist niet het geval. Boekesteijn lijkt wel een soort rijzende ster binnen de partij ook al staat hij even ver van het liberalisme af als Honnecker. Hij is het vleesgeworden verval van het liberalisme.

Het probleem met Boekesteijn is dat hij maar één mondhoek heeft: de rechter. Hij wil als het even kan in de komende vier jaar 1,2 miljard van mijn zuur verdiende centen over de balk smijten om de koloniale macht in Afghanistan in stand te houden. Ik krijg het gevoel dat je in zijn ogen beter 10 Afghaanse meisjes dood kunt schieten dan één Talibanstrijder laten ontsnappen. Hij gloeit van trots als hij kan melden dat Nederland aan dergelijke glorieuze operaties heeft meegedaan. Ja, ja, Hollands vlag  aan vreemde kust, of liever: in vreemde steenwoestijn.

Echte walging komt over mij als ik zie hoe deze man met een vriendelijk gezicht en op zachte toon zijn agressiviteit presenteert. Hij doet dat op basis van vermeende intellectualiteit die hij dan weer heeft ontleend aan een, op het eerste gezicht mislukte, studie geschiedenis.

Wat hij maar niet wil begrijpen, is dat terroristen geen “thuisland” nodig hebben. De laatste, mislukte aanslagen in Londen en Glasgow onderstrepen dat. Eén van de verdachten is nota bene arts in een ziekenhuis in Australië. Niks Afghanistan, niks Irak, niks Taliban en zelfs niks Osama. Gewoon met vrienden in de garage gezellig bommetjes in elkaar knutselen en die heel ergens anders in de wereld af laten gaan. Het mag nu toch wel duidelijk zijn dat de zogenaamde succesvolle strijd tegen Talibandieten in Afghanistan geen enkele invloed heeft op het handelen van dit soort “artsen”. Misschien dat er binnenkort ook priesters en soldaten van het Leger des Heils bij betrokken zijn.

Boekesteijn lijkt geïnvesteerd te hebben in terroristische netwerken. Hij wil ze stimuleren door de bevolking van Afghanistan en Irak en het hele Midden-Oosten tegen ons in het harnas te jagen. Als historicus zou hij moeten weten dat al dat wapengeweld nog nooit een probleem heeft opgelost en dat geldt dubbel en dwars voor de waanzin van vredesoperaties. En tegen zulke echte mannen moet onze nationale sufmuts Gerdi Verbeet het opnemen (sorry hoor, in mijn ogen gaat het met haar van kwaad tot erger en dat is vooral zo erg omdat zij een belangrijke representante is van de sociaaldemocratie).

Ja, daarom heb ik Boekesteijn en het DDR-Hostel in één verhaal gegoten. Ik kan gewoon niet wachten tot het vriendelijk klinkende maar o zo verraderlijke stemgeluid van Boekesteijn tot het verleden is gaan behoren zodat we hartelijk kunnen lachen om de Bokito-praat die hij heeft uitgekraamd. Begrijp me goed, het gaat me om zijn  optreden in de politiek en in de publiciteit. Voor het overige doet hij maar want ja, geen mens is feilloos. Daar moet ik altijd aan denken als ik de portrettengalerie van Adolf Hitler, Erich Honnecker, Kurt Waldheim, Walter Ulbricht, Lenin, Marx, Poetin, George Bush senior en junior, maar ook Kennedy, De Gaulle, Churchill, Kaj Elhorst, Said (volgens sommigen is dat mijn pseudoniem) en Prins Hendrik, zie. Geen mens is feilloos, de één heeft meer fouten dan de ander maar fouten zijn er altijd. Ik hoop dat we over een paar jaar voor vijf euro een foto van Boekesteijn te koop zien staan in Kaboel.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 Service

www.bouhammer.com/nucleus/AfghanBlog.php

www.afghanwarrior.blogspot.com

www.afghanistan.blogvandaag.nl 

www.wikipedia.org/wiki/Liberalisme

http://www.vvd.nl/index.aspx?ChapterID=1159 http://www.vvd.nl/index.aspx?ChapterID=1159

Een blauwtje lopen bij de VN

taliban3-7.jpg

Gisteravond zag ik een klein plukje van één van die zogenaamde actualiteitenrubrieken zoals “Vier in het Land” of iets dergelijks. Twee sufpubers staan van achter een lessenaartje wat teksten uit hun hoofd op te dreunen met al dan niet schokkende beelden ondersteund. Deze keer ging het over hertjes die de gemeente Rotterdam niet kwijt kan. De buurt is bang dat de dieren naar de slager moeten vanwege de bouw van een nieuwe wijk. Voorafgaand daaraan ging het verhaal over een pedofiel die ergens in een wijk woonde en waarvan de woonplaats bekend was gemaakt door de gemeente.

Nou wil ik dat niet asociaal noemen maar wel onverantwoordelijk. Toegegeven, die pedofiel had nog al wat op zijn geweten maar nu hij weer vrij is, zal hij ook ergens moeten wonen. Dramatische verhalen over een pedofiel die eerder in die wijk woonde, doen daar niets aan af. En die herten? Als de gemeente ze naar de slager brengt, maak ik goulash van het college.

Het zijn relatief kleine, plaatselijke problemen. Heel wat anders dan Nederlandse soldaten die doodvallen als vliegen in het onherbergzame land van Afghanistan. Daar zijn ze neergezet door politici met zonnenbril en witte stok met rode banden. Mannetjes en vrouwtjes die wel eens de grens over zijn geweest maar nooit hebben begrepen dat mensen in een ander land er een andere manier van leven op na (willen) houden. De gedachte aan een vredesmissie gaat uit van het idee dat vreemdelingen, wij dus, het grote geluk over het land zullen brengen, In werkelijkheid veroorzaakt het een fusie tussen radicale moslims en nationalisten of liever `lokalisten`. Veel Afghanen beseffen niet eens dat ze in Afghanistan wonen maar ze kennen wel hun dorp en streek. 

Het voortdurende gebruik van de term  ” vredesoperatie” is mij een geslepen doorn in het oog. Vredesoperaties bestaan niet. Militairen voeren oorlog, dat geldt ook voor onze `blauwhelmen`. Wie oorlog voert, kan geen vrede stichten. Soms, heel soms kunnen legers omstandigheden creëren waaronder andere mensen vrede kunnen stichten en een deel van de problemen oplossen. Maar neem nu de Tweede Wereldoorlog. Die maakte een eind aan de gruwelijke moordpartijen op Joden. En waar heeft dat toe geleid? Een Joodse staat die Palestijnen onderdrukt. Het probleem is niet opgelost maar verplaatst.

De Koreaanse oorlog werd tenminste nog `oorlog” genoemd. Daarna kwam Vietnam, dat heette ook nog oorlog. Het was weliswaar geen VN-actie maar wel internationaal militair ingrijpen. Die actie leidde tot een verloren oorlog. In Cambodja kwamen de VN wel opdagen maar het is er nog steeds een zooitje. In Kongo zetten de VN “blauwhelmen” in en de moordpartijen zijn er aan de orde van de dag. In Rwanda moordden de mensen elkaar uit ondanks een “vredesmacht”, in Ethiopië en Eritrea staan legers klaar om elkaar op ieder gewenst moment in de haren te vliegen, in Somalië is nauwelijks duidelijk wat er aan de hand is, Israël hoefde maar te kikken en de VN-troepen vertrokken, in Oost-Timor breken moordpartijen uit zodra er een conflictje speelt op Cyprus houden VN-troepen de strijdende partijen uit elkaar die vooral door autoritaire regiems in Turkijke en Griekenland tegen elkaar waren opgehitst. Vrede is er niet.

En dan is er voormalig Joegoslavië. Bosnië vooral,  dat op een krankzinnige manier is opgesplitst in twee republiekjes die geen enkele overlevingskans hebben. Misschien, heel misschien lossen de inwoners daar zelf hun problemen op maar dat kost heel veel tijd. hetzelfde geldt voor Kosovo. Was er nog meer?

Kijk eens naar West-Europa, de moeder van het rationele denken en de vrede. De Baskische afscheidingsbeweging gaat weer bommen gooien en Walen en Vlamingen zouden elkaar het liefste door de fruitpers duwen. In Noord-Ierland regeren katholieken en protestanten nu samen. Maar hoe komt dat? VN-vredesmissie, Britse politiemacht? Welnee. De Noord-Ieren hebben zelf ingezien dat het zo verder niet ging. Zij hebben vooral zichzelf geholpen. Al jarenlang was de grote massa van Noord-Ieren het zat en langzaamaan hebben de “gewone” burgers hun zin kunnen doordrijven. En nu maar afwachten.

De “vredesmissie” in Afghanistan is in werkelijkheid een kapitaalverslindende oorlogsoperatie. Volgens minsister Verhagen zijn onze troepen in dat land hard nodig ter wille van onze veiligheid. Het erge is dat hij weet dat hij uit zijn nek kletst maar even zo goed dit soort lulkoek aan de goegemeente verkoopt. Het terrorisme laat zich niet genhouden door ons gestuntel in Afghanistan. Als terrorristen al oefenkampen nodig hebben, dan vestigen ze die met evenveel liefde elders: in Somalië, in Gaza, in Soedan, in onbegaanbare streken in Afghanistan en Pakistan en in ieder land dat ons wil pesten.

Ondertussen zijn we verontwaardigd over de geheime CIA-gevangenissen terwijl die onderdeel uitmaken van de enige doeltreffende aanpak van terreur, tegenterreur. Hoe te voorkomen is dat mensen daar onterecht verzeild raken, is een probleem op zich. Ontvoering van terroristen en hun `verdwijning` kan onrust in terroristische groeperingen veroorzaken en dat is dus een goed bestrijdingsmiddel. Voor de rest is een effectieve aanpak van terreur in eigen land of in de EU aan te bevelen. Oorlog voeren in Afghanistan en Irak is niet meer dan symboolpolitiek die de situatie in werkelijkheid verergert. “Onze jongens en meisjes” lopen er niet de wacht maar wel een blauwtje.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://politiek.wordpress.com

 

Service

www.landmacht.nl

www.oneworld.nl

www.scholieren.nrc.nl

www.verteranen-platform.nl

www.veteranen-online.nl

FC Hamas, dor als zand of groen als gras?

hellobye_2973.jpg

Vrijdagavond, een jaarlijkse bijeenkomst bij de chef redactie van de lokale krant waarvoor ik werk. Alle redacteuren en correspondenten zijn aanwezig. lekker weertje, lekker biertje, lekker hapje en een gezellige tafeldame. Een bijeenkomst zoals je die in een min of meer geregelde samenleving verwacht.

Het gezelschap is behoorlijk gemengd en onder de correpsondenten bevindt zich ook een aantal oud-militairen. Plotseling krijgt één van hen, heel actief in het voetbal, overduidelijk de kans om zijn stem te laten horen. Zijn boodschap is al even duidelijk: of je het nou leuk vindt of niet, Hamas laat in de Gaza zien hoe je problemen in het Midden Oosten moet oplossen. Met veel geweld, moord en doodslag dus.

Nu is mij duidelijk dat militairen niet bang moeten zijn voor een beetje geweld in de omgeving. Het zou zoiets zijn als een brandweerman die bang is voor vuur of onweer. Toch daagt de spreker mij uit en ik vraag hem welk probleem er in de Gazastrook eigenlijk is opgelost. “Hamas is de baas”, zegt hij kort en krachtig zoals dat bij een beroepsmarcheerder hoort. Halt, stop, plaats rust.

Tja, ik denk dat daar het verschil zit tussen het voetbal- of soldatendenken en  het denken van de politicus. De baas! Wat heb je eraan om de baas te zijn? Als je de baas bent, moet je daar iets mee doen. Dan moet je doelstellingen en vooral verbeteringen bereiken. Gebeurt dat niet, dan is binnen de kortste keren weer iemand anders de baas. Bij de soldaat hangt alles af van de verovering van een heuveltop. Wat het doel daarvan is, zal hem worst zijn. Het feit dat hij de heuvel heeft veroverd, is voldoende.

In dat opzicht lijkt de voetballer op de soldaat. Hij moet zorgen dat de bal zo vaak mogelijk in het doel van de tegenstander terechtkomt. Als het aantal doelpunten hoger is dan dat van de tegenpartij, hebben hij en zijn kameraden gewonnen. Dan is hij, met zijn club, de baas. Daarna volgt er niets meer want eigenlijk heb je er niets aan om de baas te zijn op het voetbalveld. Het gras gaat niet harder groeien, de tribune wordt niet automatisch schoongespoeld, je bent niet ineens van je aambeien af en je relatie wordt er ook niet beter door. Behalve dan bij Noppen en Naaldhakken.

De baas zijn, heeft nut als je er iets mee kunt bereiken en wat dat betreft ziet het er slecht uit voor Hamas. Zeker, oorspronkelijk waren ze goed op dreef. Door scholen en ziekenhuizen te bouwen, wonnen ze de harten van de mensen. Door onverzettelijk partij te kiezen tegen Israël, kreeg hun naam in eigen land nog meer glans. Maar hun belofte maakten ze, gelukkig, nog nooit waar: Israël van de kaart vegen. Nu ze de baas zijn in Gaza zal daarin weinig veranderen. Ze kunnen misschien een raketje meer afschieten dan vroeger maar daar krijg je op den duur ook de balen van.

Hamas heeft het groene gras onder eigen voeten al lang kapot gespeeld. De inwoners van Gaza zijn de groepering niet dankbaar voor het geweld van de afgelopen dagen. Tal van aanhangers hebben doorgekregen dat ook Hamas hen niet uit de rotzooi zal halen. Tenslotte lopen de grenzen tussen Hamas en Fatah nog al eens dwarsdoor families heen.

Nee, Hamas heeft helemaal niet laten zien hoe je een probleem in het Midden-Oosten oplost. Het heeft laten zien hoe je jezelf buitenspel zet. Maar wacht even! Dat probleem is misschien wel opgelost. Als Hamas buitenspel staat, zijn er meer mogelijkheden voor de oplossing van het conflict Israël-Palestijnen. Zoiets heet “je doel voorbij schieten”  en elke voetballer of soldaat kemt daarvan de risico’s.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.onmacht.nl

www.hamas.org

www.geenstijl.nl

www.frontpage.fok.nl

www.nieuwnieuws.nl

www.nederkrant.wordpress.com

www.voetballen.jouwpagina.nl

Is het echt zo erg om dood te gaan?

Zolangzamerhand ben ik op een leeftijd dat ik meer begrafenissen dan kraamvrouwen heb bezocht en er zit nog meer aan te komen. Vrolijk word ik daar niet van maar de omstandigheden per overlijden wisselen sterk. Twee keer heb ik de begrafenis van een kind, een peuter en een puber, meegemaakt en dat was beide zonder meer verschrikkelijk en dramatisch.

Als het om volwassenen gaat, groeit de acceptatie van het overlijden met het klimmen der jaren. De dood op 100-jarige leeftijd is aanmerkelijk aanvaardbaarder dan wanneer iemand nog maar 40 is. Ook in dat opzicht ben ik door de wol geverfd. Wat mij in alle gevallen is gebleken, is dat de droefenis voornamelijk heeft bestaan bij de nabestaanden. De persoon die overleed, nam daarmee veel eerder genoegen. Voor haar of hem was vooral het oprekken van het leven een beproeving want dat ging gepaard met overmatig medicijngebruik, pijn, vermoeidheid en het dagelijkse bewustzijn dat de aanwezigheid op aarde maar van zeer betrekkelijke waarde was. Een uitzichtloos bestaan al waren er wel mooie momenten. Soms ook realiseerde de persoon zelf zich dat hij of zij nog een flinke betekenis had voor de directe familie en vrienden. Maar ja, hoelang en waartoe?

De vraag of doodgaan wel zo erg is als wordt voorgesteld, is op het ogenblik weer helemaal actueeel door de hype rond de orgaandonorregelingen.  Tegenover de mogelijkheden om langer te leven staan de voorwaarden waaronder dat kan gebeuren. Veelal betekent de transplantatie van een orgaan een overmatig medicijngebruik en bijkomende voorschriften. Bovendien is het niet ondenkbaar dat een tweede en zelfs een derde transplantatie nodig is.

Wat drijft ons ertoe om zo aan het leven vast te houden dat we dergelijke omstandigheden allemaal voor lief willen nemen? Is het angst voor de dood, het verdriet van nabestaanden of de levensdrang van de persoon die gaat overlijden? Gaat het om alle drie tegelijk? Ik ben dan ook erg benieuwd naar inzichten van anderen op dit punt. In het verleden heb ik mij wel eens uitgesproken over mijn eigen opvattingen maar ik ben me er ook van bewust dat er heel uiteenlopende ervaringen bestaan en die zou ik graag willen leren kennen. Voor me zelf en voor anderen. Daar waar het om dood en leven gaat, ben ik tenslotte ook maar een amateur.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com 

 

Service

www.yarden.surfsleutel.info

www.stervensbegeleiding.nl

 

Ge8e vrienden

18.jpg

Sinds ik van mijn ouders de deur uit mocht om daarna ook echt achter de horizon te verdwijnen, ben ik aan het reizen geweest. In het begin ging het met de brommer net even “bie Enschede de grenze euver” om dan naar Bad Bentheim en omstreken te vertrekken. Soms deed ik dat ook op de fiets met of zonder lieflijk gezelschap, het was allemaal prachtig. Later werd het vliegtuigen- en autowerk. Mijn allereerste panoramische uitzicht vanuit het vliegtuig over het Parthenon staat in mijn geheugen gegrift.

In de loop van de jaren heb ik mij tot wereldburger ontwikkeld. Dat wil zeggen dat er weinig plaatsen op aarde zijn waar ik me niet thuis voel. Ik hoop nog een reis naar de zuidpool te maken maar om onverklaarbare redenen is dat godsgruwelijk duur. De wereld is mijn speelterrein geworden en even zo goed werd mijn eigen gemeente een belangrijk werkterrein. Hoe dan ook, ik was al geglobaliseerd voordat de vermaledijde G8 bestond.

Nu is die G8 een monstrum, een incestueus oncontroleerbaar gezelschap dat op een afgrijselijke wijze roert in het heksenpotje van de toekomst der mensheid. Griezelig en groezelig discussieert het groepje met allerlei psychosen uitgeruste middelmatige denkers zich over het lot van zes miljard soortgenoten. Meestal komen er ruzies en oorlogen uit voort. Heel fijn! Overigens, met Angela heb ik wel medelijden. Je zult maar zo’n zooitje over de vloer krijgen!

Kortgeleden sprak een wat minder observatief ingestelde blogger dan ik dat de jongeren die in Heiligendamm protesteren tegen de G8 vechten tegen windmolens. Hij noemde ze Don Quichots. Dat lijkt mij wat kort door de bocht. Zoals ik eerder anagaf zijn het vooral de sappelende en ploeterende kleine mannetjes en vrouwtjes die er de nadelen van ondervinden. Dat probeerde Don Quichot altijd te voorkomen. Bovendien doet mijn confrere blogger net alsof de globalisering iets is dat wij maar over ons heen moeten laten komen. Alsof wij het lijk zijn waarmee de necrofiel zijn uitspattingen beleeft.  Nee, zo zit het niet.

Ik verzet mij tegen die onvermijdelijkheid. Ze heeft ook een rol gespeeld bij de opkomst van de kompjoeter waarvan niemand eigenlijk iets beter is geworden. Al vele jaren geleden, toen mijn opponent nog een korte broek was, werd er geroepen dat de opkomst van de digitalitijd niet te stoppen was. Alsof het over een zelfstandig handelend en denkend wezen ging of liever nog: over een natuurverschijnsel. Nee, de gemoedstoestand die ons ertoe brengt om te zeggen “dat iets niet te stoppen is” zorgt ervoor dat iets niet te stoppen is. Dat is jammer want vaak zou het beter zijn om zulke ontwikeklingen bijtijds tot staan te brengen. het kan veel leed voorkomen, zoals kinderporno op het web en zie maar. Ik verzet me niet alleen tegen die hersenloze lijdzaamheid, ik gruw ervan.  

Het is namelijkw el degelijk de vraag hoe die globalisering er uit ziet en tot op heden ben ik daar weinig optimistisch over. Nu word ik sowieso al niet optimistisch als George Bush ergens zijn mond over open doet maar ook de hele boudoirerie rond de bijeenkomst in Heiligendamm geeft zeker te denken.

Net als bij de Europese Unie beginnen de dames en heren `wereldleiders` (die in mijn ogen allesbehalve wéreldleiders zij) aan de verkeerde kant van het touwtje. Het beginpunt ligt bij de economie en dat zou niet moeten. De wereld zegt de mensen niets. Er zijn zelfs mensen in de wereld die niet eens weten inw elk land ze wonen. Soms is dat bovendien terecht omdat ze vandaag in het ene en morgen in het andere land verblijven met geiten en herdersstaf.

Wie wil globaliseren, moet beginnen met een culturele kennismaking. Op die manier krijgt iedere betrokkene het gevoel dat hij iets voorstelt in een wereld waarin hij of zij samen met anderen moet werken en leven. Als het alleen maar om geld en welvaart gaat, blijft het hommeles. Niet voor niets is de EU in de ogen van velen een fiasco. De Europese Commissie noch de nationale overheden hebben ook maar íets gedaan om te laten zien hoe mooi die unie is. De euro? Laat me niet lachen! Dat omwisslen aan de grens ging me altijd heel goed af en prijsvergelijkingen kon ik vroeger ook al heel goed maken.

Nu hadden de wreldleiders aan de ontwikkeling van de EU een voorbeeld kunnen nemen. Ze hadden kunnen denken dat globalisering zonder cultureel fundament tot niets zou leiden maar die kans hebben ze voorlopig voorbij laten gaan. De oorzaak daarvan kan hun beperkte denkvermogen zijn. Nog annemelijker is dat zij de hete adem in de nek voelen van het internationale bedrijfsleven. Een wereldunie op economisch belang is vooral in het belang van zonsverduisterend grote economische organisaties.

Ja, arme maar ook ietwat simplistische opponent, daar sta je dan met je flinterdunne opmerking dat de demonstranten Don Quichots zijn. Zij mogen dan de verkeerde aanpak volgen, ze vormen wel de symptomen van een ziekte die onze samenleving van binnenuit bedreigt. Die ziekte heet “vervreeemding” en zoals gebruikelijk weigeren degenen die haar zouden kunnen genezen elke ingreep.

In kaders van gewapend beton ingemetseld gaan zij maar voort met ontwikkelingen die zij in hun beperkte voorstellingsvermogen hebben uitgestippeld. De kloof wordt wijder en waartoe dat zal leiden? Vraag het Robespierre of wat mij betreft Lenin. Er valt nog heel veel te doen aan die “onvermijdelijkheid” van globalisering. Ja zeker, wij zullen wereldburger zijn maar de vraag is via welke weg dat wordt bereikt. Tot op heden staat de temperatuurmeter op 10 graden onder nul dankzij prikkeldraad en helikopters waarmee de familie “Pluche” zich afschermt van degenen die zij vertegenwoordigt.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.spunk.nl

www.exto.nl

www.frontpage.fok.nl

Blijdorp

veer7.jpg

Gisteravond werd het me ineens duidelijk, het duivels dilemma. Met een hele raadscommissie zaten we in het Oude Regthuys van het kleinste dorp binnen de gemeente. Hier waar ooit de schout rechtsprak, ging het nu om het bestemmingsplan van het dorp.

De entourage was veelzeggend. We zaten in een zaal die nog niet zolang geleden voor de helft uit een stal bestond. De ontwikkelingen gaan snel in het dorp en het begint steeds meer op een stad te lijken. Welgeteld twee van de 12 (inclusief de voorzitter) aanwezige commissieleden waren uit het dorp zelf. Van de ambtenaren kwam er niet één uit het dorp. Samen beslissen over de toekomst van het dorp.

Allemaal beste mensen natuurlijk, daar niet van maar de dorpelingen op de tribune moeten toch het gevoel hebben gehad dat de stad ze voorbijstreefde. Ja zeker, iets van dat gevoel kwam naar boven toen een inspreker zei dat het dorp al jarenlang als stadswijk wordt beschouwd maar het niet was. In een paar zinnen schilderde hij het bijzondere karakter van het dorp en zijn samenleving. En hij kreeg nog meer gelijk toen de commissieleden spraken over een “slaapstad” in plaats van een “slaapdorp”. De binding ontbreekt.

Kortgeleden interviewde ik iemand in een ander dorp en ook hij kon niet ophouden te betogen hoe anders de sfeer in zijn dorp was dan in zijn stad. Dorpelingen zijn niet met de wereld bezig maar met zichzelf. Met hun straat, de enige vaak, met de buren en met het café. Alleen al het idee “bestemmingsplan” staat mijlenver van hen af. Als je ergens iets wilt doen, dan doe je het met goedvinden van het dorp. Als je nodig moet, pis je tegen een boom maar wel met instemming van de dorpelingen. Dat is iets anders dan het installeren van een openbaar urnoir op een van te voren uitgekiende plek.

Dat laatste stinkt in een dorp meer dan het eerste en zo wordt het dilemma steeds duidelijker. Eigenlijk heeft zo’n dorp gewoon een eigen gemeentebestuur nodig. Mannen en vrouwen die door de dorpelingen zelf zijn uitgekozen en die tijdens het werk op het land of achter de toonbank in de winkel horen wat er in het dorp speelt. Wat mij betreft ook bij de kapper en in de wachtkamer van de dokter.

 Pas dan zouden de dorpelingen het idee krijgen dat er niet meer over  ze beslist wordt maar met hen. Tegelijkertijd maakt de Commissaris van de Koningin het dilemma zo schrijnend duidelijk. De tijd van kleine, zelfstandige gemeenten is voorbij. Zij zijn niet meer in staat om de nodige bedrijventerreinen en huisvesting te verzorgen. Dat moet in groter verband, net als brandweer, politie en gezondheidszorg. Dat is voor de dorpelingen van belang maar ook voor mensen in de stad en in andere dorpen in de omgeving.

Zorg en dienstverlening verdringen de autonomie steeds meer en dat wekt onvrede op. In de stad menen ze dat zoiets in het dorp vanzelf went. Dat is nog maar helemaal de vraag want als een stedeling naar het dorp verhuist, doet hij het voor de andere sfeer, cultuur en omgeving. Juist dat wat anders is, wordt aan alle kanten geprezen.

Misschien moet iemand maar een kiezen. Misschien kunnen dorpelingen genoegen nemen met een ander soort zorg en dienstverlening dan stedelingen. Dan maar geen Groene Hart voor het plezier van de stedelingen. Laat dorpelingen hun leven leiden, zonder de plicht om de stad als licht in de duisternis te zien. Misschien zouden we af kunnen zien van de vanzelfsprekende voorrang van het urinoir boven het boompissen. Stedelingen noemen dat verrommeling. Een typisch negatieve benadering. Voor de dorpeling is het zijn cultuur, de dorpscultuur en die is het beste in handen van dorpelingen. Dat is geen nostalgie maar doodeenvoudig een alternatief, een extra keuze.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.mijndorp.nl

De zin van de onzinnigheid

kind_groeit_vaker_o_155029d.jpg

Ja, de zin van de onzinnigheid en dat al in de eerste zin. Hoe verzint iemand zoiets? En toch…de lezers van mijn drie vorige columns hebben zich kunnen verkneukelen  in de onzinnigheid. Dat lijkt zo op het eerste gezicht de betekenis van onzinnigheid: lachen.

Nou, dat is nog maar de vraag. Vanmorgen las ik met grote blijdschap in de meest volkse krant van Nederland dat René Cuperus het met mij eens is. Dat is belangrijk want wie ben ik nou helemaal? René Cuperus is medewerker van het wetenschappelijk instituut van de PvdA, de Wiardi Beckmanstichting. Cuperus is dus iemand en hij zegt dat er een te grote kloof is tussen het kader van de partij en de “gewone” achterban.

Je zou ook kunnen zeggen: de doctorandussen en de Jannen met de Pet. Je kunt je afvragen waarom hij dat nu pas zegt maar misschien is het een jong vogelken. Zonder mezelf op de roodborst te willen kloppen, kan ik zeggen dat ik die kloof twaalf jaar geleden al zag. Niet alleen bij de PvdA maar ook bij andere partijen.

Het konijn uit de hoed was “Jip en Janneketaal”. Ineens moesten politici zich gaan uitdrukken in een soort Nederlands die ook begrijpelijk is voor negenjarigen (volgens psychologen een bijzonder lastige leeftijd). Ik heb daar nooit iets van geloofd want de inhoud van de boodschap verandert daardoor niet en dat is nu juist wel de bedoeling. Bovendien leidt ze tot belachelijke uitglijders zoals die van Rita Verdonk “Ik ben niet links, ik ben niet rechts, ik ben recht door zee.” Over onzinnigheid gesproken!

Wie in Jip en Janneketaal uitlegt dat de omgewoelde binnenstad goed is voor ontwikkelingen in de toekomst en natuurlijk de economie en dus de werkgelegenheid, maakt nog steeds niet duidelijk waarom al dat “gewone volk” jarenlang in de rotzooi moet leven. Zonder werk, trouwens. Tegen de tijd dat “de toekomst” is begonnen, gaan ze in de AOW!

De inwoners hebben niet anders dan hun buurt en wijk. Daar is het nu al sinds jaren een zooitje vanwege die belangrijke toekomst met z’n werkgelegenheid en vooraan lopen in economisch opzicht. Moet hun levensgeluk worden opgeofferd aan een stralende toekomst van kenmniseconomie en beursgang waarin medewerkers worden ontslagen terwijl de bedrijven vette winsten maken? Is dat geloofwaardig? De PvdA weet niet hoe ze met dat probleem om moet gaan en de buurt radicaliseert.

 Dat is gek want de afgevaardigden van deze partij hebben de taak ook het “gewone” volk te vertegenwoordigen. Zij lezen nu wel vaak Jip en Janneke en proberen zich die taal aan te leren maar ze praten nog steeds over zaken die het “gewone” volk niet interesseert. Daar leeft vooral één grote vraag: “Waar is mijn sociale nest?” Het “gewone volk” heeft het gevoel te worden opgeofferd aan een toekomst die mijlenver over de horizon ligt. Dan kun je tienduizend keer zeggen dat het niet zo is, het geloof leeft voort en de kloof gaapt verder.

Boven die kloof heeft Geert Wilders een hangbrug gespannen, gammel maar begaanbaar. Jan Marijnissen heeft een iets soliedere houten brug getimmerd. En zie: het volk kwam in groten getale, hoorde deze profeten aan en zij knikten dat het waar was en zij zagen hun wensen op ongelofelijke wijze vermenigvuldigd en vervuld. Althans, zo lijkt het.

Voor Cuperus, Van Hulten, Bos en Tichelaar en al hun volgelingen (en voor veel andere politiek partijen, de VVD voorop)  kan dat in de praktijk niet moeilijker zijn. Meer gerichtheid op het heden en minder op de toekomst. Vanwaar toch die eeuwigdurende leus ‘we moeten klaar zijn voor de toekomst”? Me dunkt, er zijn redenen genoeg om klaar te zijn voor het heden maar daaraan ontbreekt het in ruime mate.

 Minder collectieve luchtkastelen in de vorm van Betuwelijnen en HSL’s  en meer stoeptegels en hondenpoep, dubbele nationaliteiten, leegstaande woonwijken, verstoorde buurten,  hoofddoeken en…

Daar zit de zin van de onzinnigheid. De onzinnigheid die op diverse weblogs over het volk wordt uitgestrooid is een rijke bron van informatie voor iedereen die dit land wil besturen. Daar komen de ergernissen en onderwerpen aan de orde die ons volkje bezighouden. In rechtsradicale, racistische en ook gewoon “volkse” publicaties. Daar gaat het over de vraag of de opzet van gemengde woonwijken bijvoorbeeld wel gaat leiden tot het gewenste resultaat. Daar blijkt dat zo’n mix soms eerder tot conflicten leidt dan tot integratie. Daar komen de problemen van Jan met de Pet over zijn werk, gezinsverbanden, woonbuurt en voeding aan bod.

Het heeft geen pas om die signalen, hoe radicaal ook, terzijde te schuiven. Zij zijn een teken aan de wand dat wordt afgegeven door een volk dat zich onbegrepen en vergeten voelt. Politici moeten er rekening mee houden en oplossingen zoeken zonder radicaal te zijn. René Cuperus en de anderen zouden er dan ook eens vaker daar moeten kijken.

Weg met de academische modellen en terug naar de solidariteit met hen die in het gedrang komen in de alledagelijksheid van hun bestaan. De onzinnigheid kan daarbij als gids dienen zonder haar over te nemen. Solidariteit met mensen in achterstandswijken heeft gevoel nodig, idealen die herkenbaar zijn. Wie verstandige dingen zegt, mag het gevoel niet vergeten.

En tot slot. Ik las kortgeleden dat de PvdA mikt op meer deskundigheid en verjonging. Het laatste beschouw ik als een redelijk loos begrip, zoals ik al eerder aangaf. Het eerste is vaag. Welke deskundigheid? Deskundighieid van de tekentafel of van de zieleroerselen van Jan met de Pet? Als het aan mij ligt, is die laatste deskundigheid voorlopig het eerste aan de beurt.  

Dat kan vorm krijgen door de fractie een betere afspiegeling van de samenleving te laten zijn. Weliswaar is ze in toenemende mate meer cultureel samengesteld en zitten er vrouwen in maar hoe zit het met het percentage Jan met de Petten? Juist in een grote fractie kan hun invloed de juiste sterkte krijgen. Oftewel: de teksten zijn begrepen, het commentaar is relevant. 

En als uitsmijter: dit is geen pleidooi voor pragmatisme of rechtsradicalisme. Beide beschouw ik grotendeels als onzinnigheid. Het is een pleidooi voor solidariteit van politici met mensen die daar de meeste behoefte aan hebben.

En als allerlaatste uitsmijter: doen ze dan helemaal iets goed bij de PvdA? O zeker wel, het idee van wijkgericht werken is uitstekend, Het sluit naadloos aan op het bovenstaande maar … de uitwerking moet gericht zijn op het nu, niet op de lange termijn.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Service

www.nu.nl

www.fos.socsol.be

De camouflage van de onzinnigheid

angst.jpg

Deze week nog sprak ik met een politicus over “keuzen maken”. Hij stelde dat het maken van keuzen essentieel was voor de politiek. Daar ben ik het mee eens. Het is alleen wel de vraag wanneer je die keuzen gaat maken.

Wat mij betreft ligt de eerste keuze in de politiek bij een ideaalbeeld van de samenleving en ik nestel mij in de stroming die zich daar het meest bij aansluit. Dat is overigens niet het enige criterium. Ik moet me ook echt thuisvoelen bij mijn “clubgenoten”. Iemand kan  idealen met mij delen zonder ooit mijn vriend te zullen zijn maar enige vorm van gelijk gedachtengoed en gedrag moet er toch wel zijn. Het moeten ook echte idealen zijn en niet alleen maar pragmatische selecties.  In tegenstelling tot de laatste, geeft een ideaal zin aan wat ik denk en doe.

Onzinnigheid kent vele idealen zoals “help de immigranten het land uit”. Het is een ideaal al kan ik het niet omschrijven als een loffelijk streven. Een ideaal kan ook zijn “help de dictatuur de wereld uit”. Dat komt al dichter bij me maar daarna gaat de vraag knagen of het bieden van collectieve zekerheden, normen en waarden hetzelfde is al dictatuur. Loopt er een rechte lijn van vrijheid via betutteling naar dictatuur? Hoever kan de overheid tegemoet komen aan een collectieve behoefte aan veiligheid zonder dictatoriaal te worden?

Daar ligt het camouflagenet van de onzinnigheid zo’n beetje. De onzinnigheid lijkt een alternatief te bieden. De onzinnigheid maakt Joden tot zondebok in een Naziregime en maakt immigranten tot een vijfde kolonne van de verschikkelijke “Kalief”. De vraag is hoe ik die onzinnigheid moet herkennen met mijn kennis van de Tweede Wereldoorlog en de Shoa in het achterhoofd. Hoe zou ik moeten weten of de anti-immigranten ongelijk hebben. Zijn zij de Nazi’s van deze tijd of is het net andersom? Hoe kan ik in het Verzetsmuseum ontdekken of Geert Wilders, bij wijze van spreken, de nieuwe NSB-er is? Hoe weet ik zeker dat Wouter Bos of André Rouvoet het bij het goede eind hebben? Klinkt Henk Kamp redelijk of juist wankelmoedig? Ook in de periode 1933-1945 waren er velen die moeite hadden met kiezen tussen Hitlergroet en V-teken.

Die keuze en die herkenning is niet zo eenvoudig want het is een feit dat duizenden jongens en meisjes uit de moslimwereld bereid zijn zich op te blazen voor hun ideaal, voor de keuze die zij hebben gemaakt. Dat ziet er angstaanjagend uit, niet minder verschrikkelijk dan de laarzen van de SS en de parades op het Rode Plein of het Plein van de Hemelse Vrede (!). En die vliegtuigen zijn toch daadwerkelijk in de Twintowers binnengevlogen en Theo van Gogh is toch door een fundamentalist vermoord en de treinen in Madrid zijn toch door terroristen opgeblazen?  En elke keer klinkt het antwoord bevestigend. De onzinnigheid heeft recht van spreken, zo schijnt het.

Nogmaals, is dus de vraag hoe de onzinnigheid ontmaskerd kan worden. Vandaag las ik nog op een racistisch blog een tekst van iemand die het maar moedig vond om zo open en “erudiet” over de Islam te discussiëren. In werkelijkheid is er ter plekke geen sprake van een discussie en alleen maar de wens om de bezoekers te sturen in een anti-Islamrichting. De onzinnigheid camoufleert zich voor de schrijfster onder schijnbaar erudiete schrijfsels. De ware aard van het blog komt naar boven als de tegenstand te groot wordt. Dan volgen jij-bakken en scheldpartijen.

De onzinnigheid kan volgens mij haar angstgevoelens niet verbergen. Angst voor niet nader omschreven ontwikkelingen zoals een vaag begrip met de naam “tsunami van moslims”. Alleen al het gebruik van het trendy woord “tsunami” werkt verwarrend en beangstigend. Een tsunami is een onbeheersbare, nietsontziende kracht die niet uitsluitend haar tegenstanders maar in werkelijkheid elk schepsel en voorwerp vernietigd. “Rücksichtlos”, het woord dat de Nazi’s zo graag gebruikten, is daar een nog te vriendelijke omschrijving voor.

Onzinnigheid heeft geen monopolie op angstgevoelens. Ook anderen kunnen bang zijn voor aanslagen en oorlog. Maar daar waar de onzinnigheid steeds een vormeloze zondebok zoals “de Joden” of “de moslims”of “de Islam” aanwijst, daar geldt aan de andere kant uitsluitend angst voor het daadwerkelijke gevaar, zoals terroristen. Onzinigheid ontkent ook het bestaan van de individu en ziet, in onze tijd, wel de Islam maar niet de moslim. Dat heeft de ozinnigheid nodig want een groot collectief aan vijanden boezemt meer angst in dan individuen, schijnbaar zonder verbondenheid.

Onzinnigheid heeft te allen tijde een zondebok nodig, een gemeenschappelijke vijand, iets om op neer te kijken,  tegenaan te trappen en om onderuit te halen. Onzinnigheid richt zich op vernietiging. Die eigenschap kan ze niet camoufleren, niet onder “erudiete” teksten en niet onder de halve waarheden die ze verkondigt.

Politiek is het maken van keuzen en ik denk dan ook dat het goed zou zijn als de niet-onzinnigen hun idealen scherper zouden omlijnen, meer contrasterend zouden omlijnen. Meer polarisatie? Ja, maar polarisatie hoeft geen voorwaarde voor moord en doodslag te zijn. Niet met spontane emotionaliteit en al helemaal niet met zondebokken, ook niet als die Geert Wilders heten. Wel met weloverwogen, concreet vormgegegeven modellen, niet uit een academische mal maar uit de mal van het dagelijks leven. Dat kan, pro actief en anticiperend.

Mijn excuses voor de zware maaltijd van vandaag. Dat ze u wel moge bekomen.

Tot sterkte,

 Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

Service

www.levenskracht.info

De verleiding van de onzinnigheid

alleeninverleiding.jpg

Humor is verleidelijk maar onzinnigheid ook. Humor verleidt doordat ze de schermen afbreekt die mensen tussen elkaar overeind houdt. Humor nuanceert rotsvaste waarneden en stelt wetenschappelijke zekerheden ter discussie. Onzinnigheid doet dat ook. 

Ik kan me de verleiding van de Nazi’s nog goed voor ogen halen. De mooie uniformen, jongetjes die in de bergen niet anders deden dan soldaatje spelen en bij het kampvuur zingen. Kameraadschap, avontuur, ontberingen in veiligheid. Wat is er mooier?  De verleiding van de onzinnigheid ziet er minstens even aantrekkelijk uit. Onzinnigheid is altijd rebels en dat spreekt jongeren aan. Bovendien hoef je niet al teveel kennis te hebben of intellectuele vaardigheden om aan de onzinnigheid bij te kunnen dragen. Het is slechts een kwestie van meedoen aan het onzinnige gesmoezel.

Een voorbeeld. Mij is een man bekend die op zijn weblog Islamhaat predikt. Hij gaat uit van de stelling `de Islam is gevaarlijk en moslims zijn dom en onwetend`. Vervolgens zoekt hij alle documenten bij elkaar die zijn stelling kunnen onderbouwen. Erg kritisch over de herkomst of de auteurs van de documenten is hij niet en hij zet ze ook niet in de context van tijd en plaats. Toch zijn daarbij de nodige vraagtekens te plaatsen want wat is de geloofwaardigheid  van sites als “De Dutch Disease Report” of www.hetvrijevolk.nl ? Discutabel, lijkt me.

 Alle documenten die ondertussen zijn stelling zouden kunnen weerleggen, laat hij buiten beschouwing. De conclusie is, zie ik heb gelijk! Op dezelfde manier gaan `wetenschappers` te werk die aantonen dat de aarde plat is. Ja zeker, ze zijn er nog. Er zijn meer rebelse opvattingen zoals het gerucht dat de Amerikanen nooit op de maan zijn geland en dat president Kennedy niet is vermoord door Lee Harvey Oswald. En altijd weer wordt een zorgvuldige selectie van bewijzen gepresenteerd, vergelijkbaar met de tunnelvisie die justitie van tijd tot tijd laat zien.  

In zijn onzinnige opvattingen wordt voornoemde blogger gestaafd door het merendeel van de bezoekers van zijn weblog. De onzinnigheid verleidt velen want er komen maar liefst zo’n 600-700 hits per dag binnen en soms veel meer. Dat komt overeen met veertig keer het aantal mensen dat aan de “discussies” meedoet. Oud en jong die om uiteenlopende redenen een appeltje met de maatschappij te schillen hebben en daarom bereid zijn elke rebelse opvatting te omarmen. Appeltjes en verleiding, er zijn boeken vol over geschreven. De één komt met nog `sterkere` verhalen over Islam en moslims dan de ander. En zie, ook hier bloeit iets moois op tussen mensen die elkaar vinden in de onzinnigheid.

Het heeft er dus de schijn van dat het alleen maar voordelen heeft om een onzinnige stelling aan te hangen. Eenstemmigheid, afzetten tegen het establishment en de heersende opvattingen, het voeden van eigen superioriteitsgevoelens ten opzichte van het “domme volk” dat de gewone krant gelooft enzovoorts. Geloof in onzinnigheid is de hemel op aarde, vooral als het als enige en universele waarheid wordt gepresenteerd.

Verleiding is heerlijk, nee kan heerlijk zijn. De verleiding door een vrouw is een aangename ervaring mits…ze op ware gevoelens van sympathie is gebaseerd en dus niet onzinnig is. Wie zich laat verleiden om gebruikt te worden, komt vaak pas na lange tijd tot spijt en inkeer. Misschien zou je kunnen zeggen dat “onzinnigheid” een vrouw is die uitsluitend eigen bevrediging nastreeft? Al kent ze dan een moment van verleidelijkheid? Hoogst onbevredigend en uiteindelijk ook humorloos.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://politiek.wordpress.com

Service

www.vrouwenversieren.com

www.mennonicolai.nl

www.frontpage.fok.nl