Crème de la crème brûlée

vikbat.jpg

Gisteren heb ik een vriendin gecremeerd. Ja niet thuis maar in de dooiemensenbakkerij op de begraafplaats. Het was een bijeenkomst vol vriendschap en vooral veel warmte en na afloop mocht iedereen een boodschap op de kist schrijven. Ik heb er “tot ziens” op geschreven want ik ben niet onsterfelijk behalve op mijn belachelijke momenten. Eigenlijk is er vóór de dood alleen maar hoop, daarna begint het leven.

Vreselijk vind ik zulke gebeurtenissenen. Ik weet ook nooit wat ik tegen de nabestaanden zeggen moet. Ik zie anderen die hen aan het lachen maken maar ik zelf kom niet verder dan een uitgestreken doodgraversgezicht en volgens mij wordt dat helemaal niet op prijs gesteld. `Ook dat nog, daar heb je die goede vriend met die kop alsof hij net uit de dood verrezen is”. Ik weet wel grappige opmerkingen te bedenken maar die lijken me meestal niet gepast. En dus loop ik maar als een soort Magere Hein op eigen feestje voorbij. Spitsroeden lopen vind ik dat. De familie had zich maar liefst in een rij van meer dan twintig personen opgesteld. Mijn handje werd steeds slapper en mijn gebazel ook.

En dan is er koffie. Nou ja, in dit geval was er ook bier en wijn, geen hotelcake. Feestelijk eigenlijk. Dat sloot wel aardig aan bij de gedachten van onze vriendin want zij was een vrijdenkster. De crème de la crème van het intellectuele denken en het levende bewijs dat vrouwen wel gevoel voor humor hebben. Iemand met wie ik op hetzelfde niveau kon praten en dat kom ik niet vaak tegen. Hoewel ik haar in de afgelopen tijd niet meer zoveel heb gezien, zal ik haar dus heel erg missen. De meeste mensen zitten nu eenmaal opgesloten in kadertjes van wat hoort en wat niet hoort en vooral van wat “de waarheid” is. Als journalist hoor je wat stompzinnigheid op dat gebied.

Terwijl ik daar zo rondliep, zag ik al gauw dat ik behalve de nabestaanden niemand kende en dus begon ik een gesprek met mijzelf. Ik werd het na enige discussie eens met mijzelf dat cremeren eigenlijk wel een mooie manier was om aan het ondermaanse te ontstijgen. Ik denk dat het van Ben Kok niet mag maar er is veel dat er voor spreekt. Snel, efficiënt en heel sociaal. In tegenstelling tot een begravene lig je ook niet in de weg als er ergens een nieuwbouwwijk of sportvelden moeten komen. Je houdt de aardse en geestelijke wereld dus heel zindelijk gescheiden. De familie houdt er nog een mooie vaas aan over ook die meestal heel prachtig op de schouw van de openhaard kleurt. Onder in de vaas zou ik een briefje laten leggen `hier ligt opa niet`.  Of liever `hier lag opa niet` want als je het briefje wilt lezen, moet je eerst de as eruit gooien. Dan kom je er in elk geval achter dat dat niet erg is want het was opa toch niet. 

Mijn voorkeur gaat er nog meer naar uit om op een schip een eind de zee te worden opgestuurd waarna het hele gevaarte vlam vat. Zo deden de vikinghoofdmannen dat. Een echte uitvaart. Prachtig. Het lijkt me wel ingewikkeld voor de familie want je zult er vast allerlei vergunningen voor nodig hebben. Terwijl je zelf regelrecht de hemel in krinkelt, sterft de familie van het papierwerk. Dat kun je ze niet aandoen.

Terwijl onze vrijdenkende vriendin eindelijk haar vrijheid heeft teruggevonden, zit ik nog heel armetierig lollig te doen achter een toetsenbord om me vrij te maken van mijn gevoelens. Ze waren er wel, en die bijeenkomst van gisteren heeft me heel wat energie gekost. Ik voel me opgebrand. Ik neem een borrel `A toi, ma crème de la crème brûlée. Et au revoir!

Vanmorgen las ik in de krant dat de overheid goochelt met de normen voor fijnstof. Wat mij betreft is dat niet nodig hoor, Jan Peter. Alles ligt opgeslagen in roetfilters, urn en herinneringen…

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://politiek.wordpress.com

 

Service 

www.flabber.nl

www.spierings.com

www.uitvaart.nl

www.corriedekeijzer.web-log.nl

uitvaart.blogo.nl

www.thedreamer.nl

Advertenties

Gezellige buurt

buren.jpg

Soms kan ik de bewondering lezen in de ogen van een passant die de weg vraagt. Bijna altijd weet ik hoe hij of zij moet lopen of rijden. Zelfs bestemmingen buiten de wijk en de stad weet ik meestal wel aan te wijzen. Misschien is dat wel het voordeel van mijn beroep, je leert je omgeving vrij aardig kennen. Al zijn er straatnamen die ook ik met moeite kan plaatsen.

Ik ben een goudvinkje want in onze tijd weten veel mensen niet eens meer de naam van hun buren, geen voor- en geen achternaam. Daar is tussen het drinkontbijt, de creche en de breaker geen tijd meer voor. Om wat meer samenhang in de buurt te krijgen heeft ons gemeentebestuur bedacht dat er activiteiten voor de sociale cohesie moeten komen, of nog mooier, civil society. Daarvoor heb je natuurlijk wel een Engels woord nodig anders kun je het op je computer niet spellen. Maar goed, er zitten ongetwijfeld goede bedoelingen achter. Bedoelingen die ik kan volgen en zelfs ondersteunen.

Actieve burgers in de wijk. mensen die zich inzetten voor desamenhang. Nou, dat hebben we geweten. Een stel overdaadkrachtige figuren gaat hier eens in het half jaar tekeer om de rotzooi op te ruimen. Ze krijgen daarvoor apparatuur van de gemeente te leen die zoveel herrie maakt dat je zou willen dat je op de bulderbaan woonde.

Maar de mesen doen er wel heel zinvolle dingen mee, hoor. Ze blazen vooral afgevallen blaadjes weg die hadden kunnen dienen als voeding voor bomen en struiken. Maar…het ziet er allemaal weer proper uit. Als beloning krijgen ze koffie, taart en een plantje van de dienst groen. En gelachen dat we hebben!

Nou zeker, de volgende dag laat de goegemeente met een uitgestreken gezicht de honden loslopen, poepen, peisen en rgaven in de pas schoongemaakte gemeentelijke perkjes en in het voorbijgaan ook in de tuin van omwonenden. De plaatselijke politieagent trekt zich in dat opzicht ook niets aan van de gemeentelijke verordeningen en de `hondenkaart`. Goed voorbeeld doet goed volgen!  Zoiets bevordert enorm de sociale cohesie. Dat wil zeggen, mensen raken met elkaar in gesprek. Hoe dan ook. En trouwens, het is een misvatting om te denken dat mensen bij de politie gaan om wet en orde te handhaven. Je wordt agent om je veilig aan regels en wetten te kunnen onttrekken. Wie er iets van zegt, krijgt een bon.

Sociale cohesie, daar hadden we het over, hè? Nou, de buurtbewoners leren elkaar goed kennen, zij het bij snelle, eenlettergrepige voor- en achternamen.. Ondertussen zie ik dat er maar weinig nieuwe vriendschappen ontstaan op basis van de activiteiten voor sociale cohesie. Nee, mensen piekeren er niet over om bij elkaar op bezoek te gaan. Veel tevee werk en we hebben het al zo druk, druk, druk…

Voor het geval dat je het nog niet begrepen had, beste lezer, ik woon in een gezellige buurt. Een buurt waar ik heel regelmatig hallucinaties krijg van een vrijstaande boerderij in een bos- en heuvelrijke omgeving. Hartstikke leuk om daar te verdwalen.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://politiek.wordpress.com