Verstaan of communicatie

Twee mannen komen binnen in een Amsterdams café. Beidem zijn ze gewapend met een talenknobbel waarin vier talen zijn opgeslagen. De kans bestaat dat zij elkaar goed kunnen begrijpen maar in werkelijkheid valt dat erg tegen. De één is nederlander en hij spreekt Nederlands, Engels, Duits en Frans. De ander is Roemeen en hij spreekt Roemeens, Russisch, Hongaars en Pools. Er zijn maar liefst acht talen in het geding en toch delen de beide mannen geen woord met elkaar. Het is een historisch verhaal uitmijn directe omgeving.

Het Nederderlandse woord “verstaan” is een gecompliceerd begrip. Het betekent dat twee of meer mensen elkaars woorden kunnen horen. Als er teveel herrie omheen is, zeggen we tegen elkaar “ik versta er niets van”. In de tweede plaats betekent “verstaan” dat we de taal van een ander kennen. “Ik versta Russisch” betekent dat we weten wat een Rus in zijn eigen taal zegt. Heel dicht daar tegenaan ligt de betekenis van “begrijpen”: een goed verstaander heeft maar een half woord nodig. En misschien is dat ook echt zo.

Wie een vreemde taal wil verstaan, moet iets van de grammatica weten. De grote bottleneck daarbij zijn meestal de werkwoorden, althans als het om een Indogermaanse taal gaat zoals Nederlands, Russisch of Spaans. Minstens zo belangrijk is een woordenschat, hoewel die vooral belangrijk is om een taal ook te kunnen spreken. En dan is er nog de onuitgesproken lucht, de spaties, daar waar de ander niets zegt. Wie probeert een vreemde taal te evrstaan, moet ook vooral door hebben waar de scheiding tussen de woorden van de ander ligt. Daarvoor is bijvooerbeeld het taalritme heel belangrijk. Men zegt wel eens dat Fransen zo snel spreken. Dat is kletskoek. Ze spreken net zo snel als wij maar wie slecht Frans kent, begrijpt de spaties niet en weet dus ook niet welke woorden er worden gebruikt.

Dat gebrek aan begripvaardigheid kan zich ook binnen één en dezelfde taal voordoen en daarvoor is het niet eens nodig om een dialect te spreken. Er is ook sprake van als twee of meer mensen met of tege elkaar spreken vauit een heel verschillende achtergrond. Ja zeker, we horen de woorden wel maar we verstaan ze niet. Dat nu is wat er om de haverklap gebeurt bij de communicatie tussen overheid en burger. De lettergrepen dringen in de slakkenhuis van ons gehoororgaan door maar de samenhang en achtergrond ontgaan ons. We richten ons uitsluitend op de concrete geluidsgolven die taal voortbrengt, maar we luisteren niet tussen de woorden door. En dat is net zo belangrijk als “tussen de regels door lezen”.

Karakteristiek daarvoor is de overheid die voortdurend allerlei boodschappen “naar de burgers toe communiceert”.  Daaruit komt de verwarring van geesten naar voren. Je kunt niet iets “naar iemand toe communiceren”.  Communiceren houdt, zoals het woorddeel “com”  al aangeeft een gemeenschappelijke en wederzijdese activiteit in. Je doet het samen. Communicatie is een samenspel.  In dat opzicht onderscheidt het zich van informatie of voorlichting. Communicatie is een vorm van neuken waabij het ideale ritme gevonden moet worden om een vruchtbaar resultaat af te leveren. Ik kies dit voorbeeld maar even omdat het in onze tijd erin gaat als koek.

Een commune is een samenlevingsvorm die in de zeventiger jaren nog opgeld deed maar nu uit den boze is, onder meer vanwege de vrije seks die erbij hoorde. Toch is dat gekwant ook seks is, als het goed is, iets dat je “samen” doet. In onze geïndividualiseerde samenleving zijn we daarin slecht geworden: samen doen. Burgers en overheid vormen zich van te voren een beeld van de toekomst en dat brengen ze aan elkaar over. vervolgens beweren ze dat er is gecommuniceerd. Dat is niet zo, ze hebben iets tegen elkaar gezegd. Dat mondt uit in schelden waarin beide partijen elkaar ervan beschuldigen niet te hebben geluisterd. beide hebben gelijk. Beide hebben niet geluisterd en niets verstaan.  Ze hebben vreemde talen tegen elkaar gesproken en het maakt niet uit of dat er twee, drie of vier waren. Het leidt tot niets zolang er geen gemeenschappelijke taal bij is.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.rtl.nl/(/financien/rtlz/nieuws/)/components/financien/rtlz/redactie/column/12-column_heertje.xml

www.intermediair.nl/artikel.jsp?id=89259

www.hvdgm.nl/ufc/file2/hgm_internet_sites/euveyv/f1962d83f469ce3a68936db26f147278/pu/Horen_e

www.pggm-innovatie.typepad.com/pggm_innovatie/2007/08/de-belangrijkst.html

www.relatie-problemen.nl/communicatie.html

www.verkopersonline.nl/vko-crm/vaardigheden/925/hoe_goed_luistert_u.html

www.nrcboeken.nl/recensie/het-is-goed-luisteren-naar-afwezige-muzieknoten 

 

 

 

 

 

Advertenties

Participeren (2)

puzzel.jpg

De mooie gedachte erachter, daar waren we de vorige keer mee opgehouden, we hadden ermee afgesloten. En nu, nu begint die Elhorst er toch weer over. De mooie gedachte achter participatie is iets, dat niet erg in de aard van de mens ligt, lijkt mij. Wie wil participeren, zal vooral bereid moeten zijn voorrang te verlenen. Voorrang verlenen aan anderen omdat hij (of zij)  participati belangrijker vind dan het eigen gedachtengoed.

Nou dat wordt lastig. Elk mens is er, volgens mij, vooral op gebrand zichzelf op de eerste plaats te stellen. Eigen capaciteiten, eigen inzichten, eigen bedenksels, hoe onbenullig ook, lijken allemaal even belangrijk en geniaal.Veel mooier dan die van de anderen.

Nou, dat wordt dus niets. Dan maar een andere aanpak. Laten we in elk geval eens kijken wat er nodig is voor participatie door de bewoners van een buurt. We gaan er met grote stappen doorheen want de rest mogen de politici doen.

In de eerste plaats heb je een onderwerp nodig dat de meeste mensen aanspreekt. Daarna stuur je de bewoners een brief waarin je vertelt dat je participatie wilt gaan organiseren en dat je een discussie-avond organiseert over de gang van zken daarbij. Nu zijn de meeste mensen lui dus het zal wel uitdraaien op een werkgroep. Die moet worden gekozen uit een aantal kandidaten. Het moet vanaf dat moment alle buurtbewoners duidelijk zijn dat de werkgroepleden hun vertegenwoordigers zijn.

Vertegenwoordigers, dat betekent dat zij gedurende het hele proces de overige buurtbewoners in- en voorlichten over de gang van zaken in de werkgroep. Dat moet collectief gebeuren om te zorgen dat het voorlichten geen voorliegen wordt.

Voordat de discussie kunnen beginnen, bespreken de veretgenwoordigers en de afgevaardigden van de gemeente de voorwaarden. Over welk onderwerp wordt er precies gesproken, tot in welke details? Welke zaken liggen al onomstotelijk vast? Wat kunnen de buurtbewoners nog aan de plannen veranderen? Binnen welke termijn moet de zaak geklaard zijn en, niet onbelangrijk, wat gebeurt er als de partijen er niet uitkomen. De gemeenteraad is het hoogste orgaan in de gemeente. Het lijkt dus logisch dat deze, of haar vertegenwoordiging, in zo’n geval een bemiddelende rol speelt. 

Dat de bewoners voorlichting ontvangen van hun eigen vertegenwoordigers is niet meer dan logisch. Tegelijkertijd geeft de gemeente haar eigen voorlichting over de zaak. het leuke daarvan is dat al gauw blijkt waar de opvattingen uiteenlopen of uiteen dreigen te lopen. Door periodieke voorlichting van beide kanten, kunnen hoog oplopende conflicten bijtijds worden voorkomen.

Aan het einde van de reeks bijeenkomsten zal er een vergadering zijn over de vraag naar het bereikte doel.   Het gaat er daarbij vooral om dat partijen duidelijk maken dat ze het daarover eens zijn. Niet alleen het doel moet worden genoemd maar het is ook zaak om daar een concrete verduidelijking van te maken. Als alle partijen hetzelfde beeld voor ogen hebben, leggen gemeente en werkgroep dat aan de bewoners voor. Ongetwijfeld leidt dat tot aanpassingen. Voor zover die passen binnen de voorwaarden die van tevoren zijn gegeven, zijn die door te voeren.

Van die laatste discussie verschijnt een verslag dat door overheid en werkgroep gemeenschappelijk is opgesteld. Dat krijgen alle bewoners toegestuurd en kan, op verzoek, tot een nieuwe bijeenkomst leiden. Daaruit vloeit dan het definitieve plan voort. 

In de loop van het proces weerhouden ale partijen zich  van concrete maatregelen of voorbereidingen voor de uitvoering van plannen. Concreet ingrijpen kan namelijk maar al te gemakkelijk tot misverstanden leiden.  Volgens mij zijn we klaar maar het kan zijn dat ik wat hiaten heb laten vallen. Nou ja, in elk geval is het zaak nog goed overleg te plegen met werkgroep en bewoners tijdens de uitvoering van de plannen en na afloop, over het resultaat. Daarover en over andere hiaten wil ik graag eens overleggen met participanten.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.synoniemen.net/index.php?zoekterm=doordenken

www.home.planet.nl/~lind2733/d1h8p00.pdf

www.inzakengaan.nl/stap/swotanalyse

www.games.blog.nl/

www.roodlicht.com/trefwoord-analyse-tool-google-adwords-vernieuwd.htm

www.denieuwereporter.nl/?p=1301 

  

Participeren

sterappel_partjes.jpg 

De vraag is: “Doe ik nog wel mee? Ik heb geen LCD tv, geen i-pod, geen bluetooth en zelfs geen laptop al had dat niet veel gescheeld. Aandelen heb ik ook niet en daar ben ik nu wel blij om. Zevenentwintig miljard minder. Als het snel zegt, lijkt het niks.

Toch is het jammer want alles is “meedoen” dezer dagen. Niemand mag aan de zijlijn blijven staan. Of je nu wilt of niet, je moet mee met de grote stroom naar het oneindige geluk van de…vooruitgang of zoiets?

Bij dat meedoen, hoort ook meepraten, je mening geven over dingetjes en dangetjes in je woonomgeving want de overheid wil graag dat je als burger meebeslist. Sterker nog, je moet “participeren” wat allerletterlijkst vertaald “deelnemen” betekent. Volgens sommigen moet je zelfs “meeparticiperen” wat in het Latijn zoiets als “comparticipere” zou zijn, een woord dat Caesar vanwege de gekkigheid bedreigender zou hebben gevonden dan een dolkstoot. Maar ja, wat wil je met veldheren waarnaar een slaatje is genoemd? Van veldslag tot veldsla, het scheelt maar één letter.

Dat participeren gebeurt in klankbord- of werkgroepen. Daar praten burgers, gemeente, politie en soms nog andere snakende snalen met elkaar over voetbalkooien, speelplekken en al het andere moois dat is voortgevloeid uit het ei van de wipkip.  

Vorige week bleek bij ons in de raadscommissievergadering dat er wat dingetjes misgingen bij dat particperen. Wethouder en burgers stonden ineens mijlen ver uit elkaar terwijl dat nu juist niet de bedoeling is van al dat “met elkaar meedoen”. Integendeel, burgers en politici horen dichter bij elkaar te komen, iets dat uniek zou zijn in de geschiedenis maar ja…alles moet kunnen in het tijdperk van de computer. Wie dichtbij de maan kan komen, moet ook in staat zijn de wethouder aan te raken. Ik zou daar eigenlijk blij mee moeten zijn want dat meedoen is tenslotte de erfenis van de zestiger jaren, provo enzo. Daaraan heb ik van ganser harte en naar hartenlust meegedaan.

Helaas ook heeft niet iedereen toen de boodschap goed begrepen. Als je met elkaar gaat praten, is het van belang dat iedereen weet waar het precies over gaat. Daaraan schort het nog al eens in de overlegconstructies. Burgers denken vooral dat ze veel meer invloed zullen hebben dan ze daadwerkelijk krijgen en dat leidt tot frustratie, boosheid, agressie en uiteindelijk zelfs weerzin tegen de democratie. Die blijkt in hun ogen alleen maar een schijndemocratie te zijn.

De discussie die later op de avond losbarstte tussen raadsleden, sprak boekdelen. Een grote groep van hen voelde zich bedreigd want wie bestuurt de stad? Niet de loshangende burgers maar de raad. Als je daar maar even aan wilt denken. Het klopt ook wel maar…bestuur dan ook. Doe iets, Tom Poes! Dat aan besturen de consequentie is verbonden dat de raad zelf de inspraakbijeenkomsten goed moet structureren, leek de dames en heren even te zijn ontgaan. Het is onmogelijk te participeren op basis van het principe “lult u maar wat voor u uit, dan zullen we zien wat we ermee doen”.

Van de Sovjets in de USSR kunnen we leren dat niets zo moeilijk is als besturen met z’n allen. Probeer maar eens iedereen op één lijn te krijgen. Nou ja, de Sovjetrussen konden dat wel maar hun methoden nemen we liever niet over.

Er is niets op tegen, lijkt mij, om buurtbewoners te laten meepraten over ontwikkelingen in hun leefomgeving. Er is ook niets op tegen, lijkt mij, om die buurtbewoners van te voren duidelijk te maken waar dat gesprek precies over gaat en…zo nu en dan te controleren of iedereen het nog steeds eens is over het doel van het gesprek. Participatie, ik denk dat het kan. Maar met uitsluitend woorden gaat het niet. De goede gedachte erachter kan node gemist worden.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

Http://politiek.wordpress.com

 

Service

www.dse.nl/blog/12902?from=49

www.dse.nl/node/view/1214

www.niederer.info/new_site/archives/22

www.amstelveen.blog.nl/jeugd_en_jongeren/2008/01/16/jaarplan-voor-participatie-jongeen

www.denieuwereporter.nl/?p=1023

www.knowledgecafe.nl/2007/06/04/cultuur-en-participatie-in-elearning

www.watvindenwijover.nl/tags/show/138-blog